Enig artikel
De notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraad van 22/01/2026 worden goedgekeurd.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Artikel 4.2.17 en 4.2.20 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
Artikel 31 §1, 2e lid van het decreet van 25 april 2014 betreffende omgevingsvergunning.
Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende omgevingsvergunning (Besluit) en haar bijlagen (formulieren).
Artikel 8 van het decreet van 3 mei 2019, en wijzigingen, houdende de gemeentewegen.
Beoordelingsbevoegdheid van de gemeenteraad:
De gemeenteraad beschikt over de volheid van bevoegdheid over de zaak der wegen. De gemeenteraad beschikt evenwel niet over de bevoegdheid om zich uit te spreken over de vergunningsaanvraag, nu deze dient te worden beoordeeld door de vergunningverlenende overheid. De gemeenteraad dient zich uit te spreken over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein, rekening houdend met de doelstellingen en principes, vermeld in artikels 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval met het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen. De gemeenteraad kan daarbij voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid in de eventuele vergunning opneemt.
De gemeenteraad dient daarbij wel rekening te houden met het project waar de aanvraag deel van uitmaakt.
Artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet bepaalt:
§ 1. Als de aanvraag de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg omvat, roept het college van burgemeester en schepenen, in voorkomend geval op verzoek van de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, de gemeenteraad samen om te beslissen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg.
De gemeenteraad spreekt zich uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein. Hierbij wordt rekening gehouden met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval met het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen. De gemeenteraad kan daarbij voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid in de eventuele vergunning opneemt.
§ 2. Als het college van burgemeester en schepenen niet de bevoegde overheid is die in eerste aanleg over de aanvraag beslist, dan bezorgt de gemeente de beslissing van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg binnen zestig dagen na het verzoek aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15.”
Artikels 3 en 4 van het decreet houdende de gemeentewegen bepalen:
Artikel 3.
Dit decreet heeft tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen. Om de doelstelling, vermeld in het eerste lid, te realiseren voeren de gemeenten een geïntegreerd beleid, dat onder meer gericht is op:
1° de uitbouw van een veilig wegennet op lokaal niveau;
2° de herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk van trage wegen, zowel op recreatief als op functioneel vlak.
Artikel 4.
Bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet wordt minimaal rekening gehouden met de volgende principes:
1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;
2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd;
3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen;
4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;
5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.”
Omschrijving van de aanvraag
Op 24/10/2025 werd een omgevingsvergunningsaanvraag ingediend voor het verkavelen van enkele percelen grond in de Sint-Pietersstraat met oog op het creëren van 5 grondgebonden eengezinswoningen, 1 stapelwoning (2WE) en 1 meergezinswoning (9 WE).
De aanvraag werd ingediend door Chapter George Develops BV, Harpstraat 5/0001 te 8530 Harelbeke.
De aanvraag is gelegen te Sint-Pietersstraat 20 en 22, kadastraal gekend onder het nummer afdeling 1 sectie B nrs. 184M, 184E, 192C3, 192D3, 192G2 en 192N3.
Deze aanvraag werd op 19/11/2025 volledig en ontvankelijk verklaard.
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 21 november 2025 t.e.m. 20 december 2025. Er werd één bezwaarschrift ingediend. Het bezwaarschrift houdt geen verband met de zaak der wegen.
De zaak der wegen van de aanvraag bestaat uit het volgende:
Ligging en breedte van de gemeentewegen:
Het begrip rooilijn wordt gedefinieerd als “de huidige of toekomstige grens tussen de openbare weg en de aangelande eigendommen, vastgelegd in een rooilijnplan. Als een rooilijnplan ontbreekt, is de rooilijn de huidige grens tussen de openbare weg en de aangelande eigendommen” (art. 2, 12° Decreet Gemeentewegen). Bij de aanvraag is een plan ‘VA_VP_N_REV A_ROOILIJNPLAN-GRONDAFSTAND’ met de over te dragen grond toegevoegd. Op dit plan is het toekomstige openbaar domein aangeduid. De grenzen van dit openbaar domein zijn de rooilijnen.
Uitrusting: De zaak der wegen omvat meer dan enkel de eigenlijke wegzate. De bevoegdheid van de gemeenteraad strekt zich uit over het tracé en de uitrusting van gemeentewegen, inclusief alle aanhorigheden bij een gemeenteweg, o.a. de trottoirs, de inrichting van de (eventuele) parkeerplaatsen, de ligging, aansluiting en de materialen van de nutsleidingen (rioleringen) en van de aan te leggen groenvoorzieningen, de ligging, breedte en diepte van de nieuw te delven gracht naast de nieuw ontworpen weg, de afwatering, waterzuivering, noodzakelijke uitbreiding van maatschappelijke infrastructuur,… (zie MvT, Parl.St. Vl.Parl. 2018- 19, nr. 1847/1, 43). Het tussen de rooilijnen gelegen gedeelte van de site, wordt ingericht als volgt:
Er worden 5 parkeerplaatsen voor bezoekers (in betonstraatstenen 30/10/10 met 40% grasgroei); 6 toegangspaden (in betonstraatstenen 30/10/10) en 6 opritten (in betonstraatstenen 30/10/10 met 40% grasgroei) naar lot 1 t.e.m. 6 aangelegd; en een zone in betonstraatstenen met functie afval en fietsnietjes geënt op deze hoofdweg. Op de hoofdweg ter hoogte van de parkeerhaven wordt een bezoekersparkeerplaats voor mindervaliden geënt. Vanuit de hoofdweg ter hoogte van de parkeerhaven vertrekt een toegangspad met breedte +/- 1,5 m in betonstraatstenen naar de meergezinswoning.
Voor een meer uitgebreide beschrijving kan worden verwezen naar het aanvraagdossier, en in het bijzonder naar volgende documenten:
Het verzoek tot aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de rooilijn is conform artikel 12, §2 van het Gemeentewegendecreet geïntegreerd in een aanvraag tot omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen voor zover die wijziging past in het kader van de realisatie van de bestemming van de gronden, voor zover het aanvraagdossier een ontwerp van rooilijnplan bevat dat voldoet aan de bij en krachtens het decreet gestelde eisen op het vlak van de vorm en inhoud van gemeentelijke rooilijnplannen of voor zover het een grafisch plan met aanduiding van de op te heffen rooilijn bevat.
Beoordeling
Advies mobiliteit
De aanvraag betreft het verkavelen van de site 'Pienter' gelegen tussen de parking 'Sint-Pieterszaal' en de Sint-Pietersstraat. Het project bevat een meergezinswoning van 9 wooneenheden en 6 eengezinswoningen.
Parkeren:
Eengezinswoningen:
Meergezinswoning - 9 wooneenheden
Openbare parkeerplaatsen:
Parkeren in de omgeving:
Fietsen:
Openbaar vervoer:
Impact verkeer op de omgeving:
Maatvoering wegenis:
Beoordeling dienst omgeving
Het gunstig advies van de mobiliteitsdienst wordt bijgetreden.
Er wordt echter 1 perceel voorzien voor een schakelwoning en 5 percelen voor een eengezinswoning. Er wordt als bijkomende voorwaarde opgelegd dat er in de verkavelingsvoorschriften een verplichte inpandige garage dient te worden voorzien voor de schakelwoning.
Laadpunten voor elektrische voertuigen moeten voorzien worden volgens de vigerende regelgeving.
Advies publieke ruimte + groen
Alle opmerkingen betreffende groen, die in het mailverkeer met de ontwerper werden gegeven, werden opgenomen in het ontwerp.
De werken voor de inrichting van de wegenis worden geraamd op € 308.744,69 incl. BTW. Dit bedrag wordt als waarborg gevraagd in functie van nodige aanleg van deze wegenis. Bijkomend dient de bouwheer een verkavelingsovereenkomst af te sluiten met de gemeente Kuurne die modaliteiten m.b.t. de overdracht en het terugvorderen van de waarborg regelt (via dienst publieke ruimte). Er wordt gevraagd aan de gemeenteraad deze voorwaarden te koppelen aan de beslissing m.b.t. de wegenis.
Beoordeling dienst omgeving
Het gunstig advies van de dienst publieke ruimte wordt bijgetreden.
Aanwezigheid regenputten, septische putten, grijswaterputten, huisaansluitingsputjes, uitstroomconstructies en private rioleringstelsels: de investeringskost moet samen met de toekomstige onderhouds- en herstellingskosten, volledig ten laste zijn van de bouwheer en eigenaar van de gebouwen.
De bouwheer zal een dossier moeten laten opstellen bij Fluvius voor de inplanting en typologie van nieuwe openbare verlichting rekening houdend met de verschillende fases van het project. De nieuwe openbare verlichting moet voldoen aan het door de gemeenteraad goedgekeurde Regiomasterplan.
Advies provincie West-vlaanderen, dienst Integraal Waterbeleid
Het advies van onze dienst is VOORWAARDELIJK GUNSTIG. Met het volgen van de onderstaande voorwaarden zijn er geen schadelijke effecten te verwachten op het watersysteem:
Beoordeling dienst omgeving
Het advies en de daarin vooropgestelde voorwaarden worden integraal gevolgd en overgenomen.
Advies brandweer
Indien de verkaveling meergezinswoningen omvat, dient rekening gehouden met de richtlijnen i.v.m. inplanting en toegangswegen, vervat in het KB van 7/7/1994.
Inzake groenaanleg wordt de verkaveling gunstig geadviseerd voor zover de aangeplante bomen tijdens hun levensduur de vrije doorgang van brandweervoertuigen niet zullen hinderen.
Inzake bluswatervoorziening wordt de residentiële verkaveling (woningbouw) gunstig geadviseerd voor zover:
Verdere inlichtingen zijn steeds te bekomen bij zonaal preventiebureau.
Beoordeling dienst omgeving
Het advies en de daarin vooropgestelde voorwaarden worden integraal gevolgd en overgenomen.
Externe adviezen
De omgevingsambtenaar heeft kennisgenomen van volgende adviezen:
Het advies van Dienst Integraal Waterbeleid afgeleverd op 9 januari 2026 en is voorwaardelijk gunstig.
Het advies van PROXIMUS afgeleverd op 3 december 2025 en luidt als volgt: geen bezwaar.
Het advies van AQUAFIN NV afgeleverd op 10 december 2025 en is voorwaardelijk gunstig.
Het advies van Fluvius System Operator afgeleverd op 9 december 2025 en is voorwaardelijk gunstig.
Het advies van Omgevingsloket Wyre afgeleverd op 26 november 2025 en is voorwaardelijk gunstig.
Het advies van HULPVERLENINGSZONE FLUVIA afgeleverd op 21 november 2025 en is voorwaardelijk gunstig.
Op 20 november 2025 werd advies gevraagd aan Kuurne – dienst mobiliteit. Het advies werd afngeleverd op 26/01/2026 en is gunstig.
Op 20 november 2025 werd advies gevraagd aan Kuurne - dienst publieke ruimte + groen. Het advies werd af op 15 december 2025 en is gunstig.
Het advies werd niet tijdig aangeleverd, en zal in die zin als gunstig beoordeeld worden.
Beoordeling dienst omgeving
De externe adviezen en de daarin gestelde voorwaarden worden integraal gevolgd en overgenomen in het besluit.
Toetsing aan de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
De in artikel 3 van het gemeentewegendecreet vernoemde doelstellingen zijn:
De aanvraag draagt bij aan de opwaardering van het trage wegennet. De site maakt deel uit van de publieke as (school – kerk – Sint-Pieterszaal– eigen site) voor voetgangers en fietsers. De bestaande trage doorsteek wordt verlegd van de linker zijperceelsgrens naar +/- het midden van het terrein. De bestaande doorsteek bestaat uit een smallere doorgang naast het schoolgebouw. De nieuwe doorsteek is breder, meer open en groener en sluit recht (zonder verspringing aan de perceelsgrenzen) aan op de parking voor de Sint-Pieterszaal. De nieuwe doorsteek bestaat uit de nieuwe hoofdweg op de site, die toegang verleend aan de woningen, parkeerhaven en de meergezinswoning. De bijkomende verkeersgeneratie is beperkt. De materialisatie van de hoofdweg (bestaande deels uit geborsteld beton en deels uit aansluitende verharding in drainix) geeft ook het gedeeld gebruik aan. De leesbaarheid (hoofdweg voor gebruik mechanisch verkeer en aansluitende verharding voor zacht verkeer, met sporadisch gebruik voor mechanisch verkeer bij kruisend verkeer of als brandweg) versterkt de verkeersveiligheid.
Verder wordt er op de site een nieuw wandelpad aangelegd ter hoogte van de noordelijke perceelsgrens, die de buurt vanuit de Sint-Pietersstraat toegang biedt tot de collectieve groenzone op de eigen site. Dit wandelpad en de hoofdweg worden verbonden door een wandelpad, ingeplant ter hoogte van de achterperceelsgrens van de site.
De in artikel 4 van het gemeentewegendecreet vernoemde principes zijn:
Er wordt 1 ontsluiting voorzien op de site voor het mechanisch verkeer. De doorsteek op de site van wordt op vandaag als ‘openbaar domein’ gebruikt. Deze doorsteek voor fietsers – en voetgangersverkeer blijft behouden maar wordt centraler ingeplant op de site, waardoor deze veiliger wordt gemaakt. De volledige site wordt toegankelijker/doorwaadbaarder gemaakt door de aanleg van wandelpaden in het groen die een lus vormen met de nieuw hoofdweg op de site.
Conclusie:
Het voorstel is bijgevolg in overeenstemming met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Opname in het openbaar domein
De ruimte aangeduid op het plan ‘‘VA_VP_N_REV A_ROOILIJNPLAN-GRONDAFSTAND’’ dient te worden opgenomen in het openbaar domein.
Artikel 1
De gemeenteraad gaat over tot goedkeuring van het rooilijnenplan zoals aangeduid op ‘VA_VP_N_REV A_ROOILIJNPLAN-GRONDAFSTAND’’.
Artikel 2
De gemeenteraad stemt, mits rekening te houden met de geformuleerde voorwaarden en aanbevelingen, in met de zaak der wegen van de omgevingsvergunningsaanvraag van het dossier OMV_2025127604 op naam van Chapter George Develops BV, op de percelen gelegen Sint-Pietersstraat 20 en 22, kadastraal gekend onder het nummer afdeling 1 sectie B nrs. 184M, 184E, 192C3, 192D3, 192G2 en 192N3.
Artikel 3
De gemeenteraad beslist tot opname in het openbaar domein van de gronden binnen de rooilijnen.
Artikel 4
De gemeenteraad verzoekt het college van burgemeester en schepenen de volgende voorwaarden op te leggen in het kader van de vergunningsaanvraag:
Artikel 5
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Op 23 februari 2024 keurde de Vlaamse Regering het besluit over de invulling van de gemeentelijke saneringsverplichting goed. Dit nieuwe besluit vormt een stevige basis voor de saneringsplicht in Vlaanderen. Het besluit legt heel wat verantwoordelijkheden en doelstellingen vast via openbare dienstverplichtingen voor de rioolbeheerders op het gemeentelijk niveau.
De uitvoering van de gemeentelijke saneringsplicht is in principe de taak van het waterbedrijf, in het geval van Kuurne is dat De Watergroep. Het waterbedrijf kan die plicht overlaten aan een andere partij. Hiervoor moeten beide partijen een overeenkomst afsluiten.
Gemeente Kuurne heeft hiervoor in het verleden zo’n overeenkomst afgesloten met De Watergroep. Deze overeenkomst dateert van 2007 en is opgenomen in bijlage van dit punt. De bestaande overeenkomst met De Watergroep voor het uitoefenen van de gemeentelijke saneringsplicht moet in overeenstemming gebracht worden met een nieuwe modelovereenkomst.
De nieuwe modelovereenkomst ligt ter goedkeuring voor aan de raad en werd in bijlage opgenomen.
Zoals gestipuleerd in de modelovereenkomst moet er vanaf heden ook jaarlijks een afzonderlijke beslissing worden genomen over vergoedingen enerzijds en kortingen anderzijds inzake de saneringsbijdrage, de zogenaamde afvoertarieven.
De bovengemeentelijke tarieven voor 2026 die werden goedgekeurd door de Vlaamse Milieumaatschappij zijn:
Het decretaal maximaal toegelaten tarief voor de gemeentelijke bijdrage is het tarief van de bovengemeentelijke bijdrage vermenigvuldigd met een factor. Voor het jaar 2026 is deze factor 1,15. Deze is onveranderd gebleven ten opzichte van het jaar 2025.
Het gemeentelijk tarief wordt dan ook vastgesteld op:
Vanuit het verleden zijn er geen kortingen vastgesteld.
Gemeenteraadsbeslissing van 20 december 2007 houdende "goedkeuring van de aanpassing van bijlage 1 van de overeenkomst tussen de gemeente KUURNE en de VMW overeenkomstig art 6 bis §3 van het decreet van 24 mei 2002 betreffende water voor menselijke aanwending."
Modelovereenkomst overdracht gemeentelijke saneringsverplichting + bijlagen.
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan de modelovereenkomst inzake de invulling van de gemeentelijke saneringsverplichting. De overeenkomst en de bijlagen maken integraal deel uit van deze beslissing.
Artikel 2
De gemeenteraad gaat akkoord met de vastgestelde gemeentelijke tarieven inzake de saneringsbijdrage voor kalenderjaar 2026, er worden geen kortingen toegestaan:
Maximaal gemeentelijk huishoudelijk basistarief: 1,9572
Maximaal gemeentelijk niet-huishoudelijk tarief: 2,2173
Maximaal gemeentelijk huishoudelijk comforttarief: 3,9144
Artikel 3
Een afschrift van de beslissing zal in tweevoud worden overgemaakt aan De Watergroep en de Vlaamse Milieumaatschappij.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
In uitvoering van de overeenkomst De Watergroep - gemeente Kuurne voor de uitbouw en het beheer van het gemeentelijk rioleringsnet stellen de gemeente Kuurne en Riopact elk jaar het takenpakket samen.
Sommige taken (zoals bv. beheer van pompstations) komen jaarlijks terug, andere taken zijn eenmalig en lopen over één of meerdere jaren (zoals bv. projectmanagement, afkoppelingsdeskundige, werftoezicht, projectgerelateerde kosten + investeringen voor een bepaald rioleringsdossier).
Het Riopact-takenpakket 2026 omvat volgende jaarlijks terugkerende taken:
In het Riopact-takenpakket 2026 (en eerder) zijn volgende eenmalige taken opgenomen:
Het uitgeschreven takenpakket 2026 is in bijlage opgenomen.
Een financieel plan voor het takenpakket 2026 is in bijlage opgenomen samen met het uitgeschreven takkenpakket.
Het financieel plan bevat voor alle hiervoor vermelde taken een raming van de uurlonen en de kosten voor materialen, dienstverleners e.d. De reële afrekening van de geleverde prestaties zal dan maandelijks als volgt aan de gemeente gefactureerd worden:
Voor prestaties, geleverd buiten de werkuren, gelden de wettelijk bepalingen ter zake. De vermelde ramingen zijn exclusief BTW.
In het financieel plan is er een uitsplitsing van de budgettering in investerings- en exploitatiekrediet. In totaal worden de kosten op het investeringsbudget geraamd op 40.772,00 € btw verlegd, op het exploitatiebudget worden de kosten geraamd op 47.137,00 € btw verlegd.
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2026 op budgetcode 2026/GBB/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/RIOPACT en in het exploitatiebudget van 2026 op budgetcode 2026/GBB/0310-00/6150002/GEMEENTE/PUBRU/IP-GEEN.
Wetmatigheid OK. Krediet moet wat bijgewerkt worden in AMJP1. ER is tekort op investeringen, maar dit kan opgevangen worden met overschot bij exploitatie. Dus bij AMJP1 deel verschuiven van exploitatie naar investering.
FD verleent positief visum
Gunstig visum VSM/2026/006 van Jurgen Vanoverberghe van 22 januari 2026
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan het Riopact-takenpakket 2026 met de uitgewerkte taken en het financieel plan hier in bijlage opgenomen. De bijlagen maken integraal deel uit van deze beslissing.
Artikel 2
De uitgave van deze opdracht wordt geraamd op 87.909,00 euro btw verlegd, nl.:
Artikel 3
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2026 op budgetcode 2026/GBB/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/RIOPACT en in het exploitatiebudget van 2026 op budgetcode 2026/GBB/0310-00/6150002/GEMEENTE/PUBRU/IP-GEEN.
Artikel 4
Een afschrift van de beslissing zal in tweevoud worden overgemaakt aan De Watergroep en aan Aquafin.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, deel 3, titel 3, hoofdstuk 3, afdeling 2, artikel 401 t.e.m. 412, projectvereniging betreffende intergemeentelijk samenwerken.
Decreet bovenlokale cultuur van 8 maart 2024.
Decreet cultureel erfgoed van 23 december 2021.
Zuidwest is het intergemeentelijk samenwerkingsverband dat instaat voor de bovenlokale samenwerking inzake cultuur, bibliotheek, erfgoed en vrijetijdsparticipatie in Zuid-West-Vlaanderen. Met het oog op de nieuwe beleidsperiode 2027-2032 werden - met betrokkenheid van onze gemeente - doelenkaders en actieplannen uitgewerkt voor de bovenlokale cultuurwerking, de erfgoedwerking en het bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie.
Het beleidsplan heeft als ambitie de regionale samenwerking te bestendigen en te versterken, met bijzondere aandacht voor talentontwikkeling, innovatie, cultuurparticipatie en het bewaren en ontsluiten van erfgoed. Daarnaast wil het netwerk vrijetijdsparticipatie drempels verlagen zodat iedereen kan deelnemen aan het vrijetijdsaanbod.
De documenten werden opgesteld in overleg met de deelnemende lokale besturen en goedgekeurd door de raad van bestuur van Zuidwest van 19 december 2025. Goedkeuring door de gemeenteraden van de deelnemende steden en gemeenten is noodzakelijk om het engagement van de gemeente te bevestigen en om de indiening van de subsidiedossiers bij de Vlaamse overheid tegen 1 april 2026 mogelijk te maken.
De gemeente engageert zich tot een jaarlijkse bijdrage aan het intergemeentelijk samenwerkingsverband Zuidwest, namelijk:
0,45 EUR per inwoner voor de bovenlokale cultuurwerking (dat is het wettelijke minimum dat gemeenten zelf moeten bijdragen om recht te hebben op een Vlaamse subsidie voor bovenlokale cultuurwerking);
0,40 EUR per inwoner voor de erfgoedwerking;
beide bedragen worden geïndexeerd vanaf 2028.
Voor het bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie wordt geen gemeentelijke bijdrage gevraagd.
Ter vergelijking: de geïndexeerde bijdrage van 2025 - het laatste jaar van de vorige legislatuur - kwam voor bovenlokale cultuurwerking en erfgoedwerking samen neer op 0,81 EUR per inwoner. Zoals hierboven aangegeven wijzigt dat bedrag in 2027 naar 0,85 EUR per inwoner. De verhoging van 0,04 EUR per inwoner ligt daarmee in de lijn van de te verwachten verhoging als gevolg van de jaarlijkse indexering.
Momenteel is voor 2027 11.704,50 euro voorzien op de budgetcode: GBB/0709-00/6494000/GEMEENTE/VTD/IP-GEEN. Dit zal onvoldoende zijn. We gaan bij de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan het krediet moeten verhogen met 1.000 euro jaarlijks.
De dienst adviseert om de beleidsplanning Zuidwest 2027-2032 goed te keuren. De samenwerking binnen Zuidwest biedt immers schaalvoordelen (bv. UiTpaswerking, regionale bibwerking,...), ondersteuning op vlak van expertise rond cultuur, erfgoed en bibliotheek en draagt bij tot een toegankelijk en kwalitatief cultuur- en erfgoedaanbod voor onze inwoners (bv. Buren bij kunstenaars). Als kleine gemeente doen we daar zeker ons voordeel mee.
Daarnaast is het financieel engagement van elke gemeente noodzakelijk om in aanmerking te blijven komen voor Vlaamse subsidies en zo dus de continuïteit van de intergemeentelijke samenwerking te verzekeren. Voor de gemeentelijke bijdragen beperkt Zuidwest zich daarbij tot het wettelijk minimum dat gemeentes moeten bijdragen om recht te hebben op de Vlaamse subsidie voor intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.
Voorwaardelijk visum van de financieel directeur van 03/02/2027.
Wetmatigheid OK, krediet ontoereikend. We gaan bij eerstvolgende AMJP de kredieten met 1 000 euro moeten verhogen jaarlijks. FD verleent voorwaardelijk visum.
Gunstig mits aanpassing visum VSM/2026/013 van Jurgen Vanoverberghe van 03 februari 2026
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de beleidsplanning van Zuidwest voor de periode 2027-2032 goed, met inbegrip van de doelenkaders en actieplannen voor de bovenlokale cultuurwerking, de erfgoedwerking en het bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie, evenals de bijhorende meerjarenbegrotingen (zie bijlage).
Artikel 2
De gemeenteraad beslist zich financieel te engageren binnen het intergemeentelijk samenwerkingsverband Zuidwest door:
een jaarlijkse bijdrage van 0,45 EUR per inwoner voor de bovenlokale cultuurwerking en 0,40 EUR per inwoner voor de erfgoedwerking goed te keuren, beide te indexeren vanaf 2028;
kennis te nemen dat voor het bovenlokaal netwerk vrijetijdsparticipatie geen bijkomende gemeentelijke bijdrage wordt gevraagd;
de ‘verklaring op eer’ betreffende deze financiële engagementen te laten ondertekenen door de voorzitter van de raad en de algemeen directeur.
Artikel 3
De nodige kredieten zullen in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan met 1.000 euro per jaar opgetrokken worden en dit vanaf 2027. De huidige voorziene kredieten zullen immers niet volstaan.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Het gemeentebestuur Kuurne maakt deel uit van de intergemeentelijke samenwerking rond cultuur-, bibliotheek-, en erfgoedbeleid 'Zuidwest'. De raad van bestuur van Zuidwest van 7 maart 2025 keurde de vernieuwde statuten voor Zuidwest goed. In navolging van de regelgeving rond intergemeentelijke samenwerkingen in het decreet over het lokaal bestuur, verzoekt Zuidwest in een e-mail van 22 januari 2026 om de gewijzigde statuten met terugwerkende kracht vanaf de datum van 1 januari 2026 te laten goedkeuren door de gemeenteraad.
E-mail van 22 januari 2026 van Zuidwest.
Besluit van de gemeenteraad van 26 februari 2026 betreffende de goedkeuring van het beleidsplan en het financieel engagement voor projectvereniging Zuidwest 2027-2032.
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan de statutenwijziging van de projectvereniging Zuidwest.
Artikel 2
Een afschrift van het besluit zal worden overgemaakt aan de projectvereniging Zuidwest, President Kennedypark 10 te Kortrijk.
Artikel 3
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Sinds 2014 is er een lopende samenwerkingsovereenkomst met De Drie Wijzen. De Drie Wijzen is een samenwerkingsverband tussen Oxfam Wereldwinkel Kuurne en Groep Ubuntu. Bij elke vernieuwing van de legislatuur is deze overeenkomst ook vernieuwd. De vorige overeenkomsten hadden telkens het thema Faire Gemeente als onderwerp. De Drie Wijzen neemt al jaren een trekkende rol op om het label 'Faire Gemeente' te behouden.
Een Faire Gemeente moet aan een aantal criteria voldoen. Het is aan De Drie Wijzen om alle inwoners van Kuurne, stakeholders, Kuurnse bedrijven, scholen, verenigingen en andere belanghebbenden op een laagdrempelige manier kennis te laten maken met het concept LEF (lokaal, ecologisch en fair). Hiervoor organiseren ze verschillende activiteiten (meer dan 70 in de laatste 5 jaar), ontwikkelen lespakketten voor de scholen, klasbezoeken, een nieuwsbrief, marktacties, enzovoort. Door o.a. deze inspanningen zorgen ze ervoor dat het label elke 2 jaar wordt vernieuwd (vernieuwing label gebeurt opnieuw in 2027).
Bij de nieuwe overeenkomst wordt er een bijkomend engagement toegevoegd, namelijk een partnerrol in het project zorgzame buurten (MJP, actie 1.1.1 Kuurne creëert zorgzame buurten om de levenskwaliteit van inwoners te verhogen). De Drie Wijzen wordt een actief lid van het buurtnetwerk 'Centrum' in het project.
Modaliteiten van de overeenkomst:
Samenwerkingsovereenkomst tussen lokaal bestuur Kuurne en De Drie Wijzen.
Er is in het meerjarenplan 5.000 euro per jaar voorzien voor deze samenwerkingsovereenkomst met De Drie Wijzen.
Bij een volgende aanpassing van het meerjarenplan moet er, mits goedkeuring, een aanpassing worden voorzien naar 6.000 euro per jaar.
Wetmatigheid OK, krediet moet verhoogd worden in eerst volgende AMJP met 1 000 euro. FD verleent voorwaardelijk visum.
Gunstig mits aanpassing visum VSM/2026/008 van Jurgen Vanoverberghe van 30 januari 2026
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst tussen lokaal bestuur Kuurne en De Drie wijzen goed. De overeenkomst in bijlage maakt integraal deel uit van dit besluit.
Artikel 2
De voorzitter van de raad, Chris Delneste, en de algemeen directeur, Els Persyn, worden gemachtigd om deze samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen.
Artikel 3
Er is 5.000 euro op jaarbasis voorzien als werkingssubsidie in het meerjarenplan. Bij de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan zal het bedrag verhoogd worden naar 6.000 euro op jaarbasis.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Sinds juni 2024 is er een samenwerking tussen lokaal bestuur Kuurne en het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk (CAW) in het kader van jongerenwelzijn. De aanleiding toen waren de problemen op het sportpark met kinderen/jongeren die geen respect hadden voor personeel, vandalisme en (kleine) criminele feiten pleegden. Elke schoolvrije periode (vakantie, woensdagnamiddag) waren er verschillende groepen kinderen aanwezig die het sportpark op stelten zetten.
In die periode heeft er een tijd een camera gestaan, waren er meer politiecontroles, enz. Maar naast het repressieve luik, hebben we ook ingezet op een welzijnsluik. De samenwerking met het CAW is gestart op woensdagnamiddag, 8u per week personeelsinzet. Op een vindplaatsgerichte manier hebben we geprobeerd in contact te komen met de kinderen en jongeren.
Op vandaag begeleidt het CAW twee groepen op woensdagnamiddag:
De overeenkomst is afgelopen en willen we hernieuwen. CAW heeft aangegeven dat de 'kinderwerking' niet meer aansluit bij hun visie als hulpverleningsorganisatie, vandaar dat de focus in de nieuwe overeenkomst ligt bij de jongeren en Overkop.
Modaliteiten nieuwe overeenkomst:
Hoe gaat de werking verder:
De kinderwerking stopt niet. In een samenwerking tussen jeugd, sport en welzijn wordt er een poule vrijwilligers/studenten opgezet om te kunnen voorzien in een wekelijks spelmoment op woensdagnamiddag in het sportpark. Na een periode zullen we deze werking evalueren en eventueel bijsturen. Daarnaast wordt de piste rond een samenwerking met 'Red Side Academy' bekeken.
De jongeren zullen verder opgevolgd worden door een medewerker van het CAW. Het is de bedoeling om jongeren nog steeds vindplaatsgericht te ontmoeten, vooral in het sportpark. Daarnaast zal de medewerker, nauwer samenwerken met de jeugdconsulent, rond de Overkop-activiteiten. We willen hiervan een maandelijkse activiteit maken, met als uitvalsbasis, het woonhuis op Hoeve Vandewalle. We mikken hierbij op eerste en tweede graad middelbaar, zowel georganiseerde als niet-georganiseerde jeugd.
Met de huidige Overkop-activiteiten hebben we al bewezen dat we telkens nieuwe jongeren bij de groep krijgen. Er is daar een goede mix ontstaan, een goede samenwerking met Kastor en Spes Nostra en boeiende gesprekken tussen de jongeren. We willen hierop verder inzetten.
Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 11 juni 2024 houdende "Buurtgerichte werking in Kuurne - Zorgzame buurten en outreachend jongerenwerk - goedkeuring".
Budget werking CAW: 15.360 euro per jaar (CAW-overeenkomst en werkingsbudget), 2026/JEUGDWELZ/0759-00/6131999/GEMEENTE/WELZIJN/IP-GEEN.
--> Overeenkomst: maximum 14.500 euro per jaar.
--> werkingsbudget: maximum 860 euro per jaar.
Budget Overkop: 1.000 euro per jaar, 2026/JEUGDWELZ/0759-00/6150002/GEMEENTE/JEUGD/IP-GEEN.
Wetmatigheid en krediet OK. FD verleent positief visum.
Gunstig visum VSM/2026/009 van Jurgen Vanoverberghe van 30 januari 2026
Artikel 1
De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst tussen lokaal bestuur Kuurne en CAW Zuidwest-Vlaanderen goed voor de periode van januari 2026 tot en met december 2026. De overeenkomst in bijlage maakt integraal deel uit van dit besluit.
Artikel 2
De voorzitter van de raad, Chris Delneste, en de algemeen directeur, Els Persyn, worden gemachtigd om de samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, de artikelen 40, 41 en van 388 tot en met 395.
Het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997, de artikelen 125bis tot en met 125quaterdecies, zoals gewijzigd door het decreet van 5 april 2019 betreffende het onderwijs XXIX.
Een schoolbestuur kan in het kader van de organisatie van zijn basisonderwijs een scholengemeenschap vormen met onderwijsinstellingen van andere schoolbesturen.
Een scholengemeenschap moet zowel kleuter- als lager onderwijs bevatten, op de eerste schooldag van februari 2026 minstens 900 gewogen leerlingen tellen en mag zich hoogstens over vijf aangrenzende onderwijszones uitstrekken.
De huidige scholengemeenschap De Balk, instellingsnr. 119438, werd onder de vorm van een interlokale vereniging opgericht.
De gemeenteraad keurde in zitting van 12 december 2019 de verlenging van de scholengemeenschap De Balk goed voor de periode van 1 september 2020 tot 31 augustus 2026 in de vorm van een interlokale vereniging.
De interlokale vereniging legde haar werking vast in de huidige overeenkomst van scholengemeenschap De Balk, instellingsnr. 119438, en deze loopt na een periode van zes schooljaren af op 31 augustus 2026.
Alle deelnemers wensen de samenwerking te verlengen voor een periode van zes schooljaren, zoals afgesproken in de vergadering van het beheerscomité van de scholengemeenschap van 16 oktober 2025.
Gemeenteraadsbeslissing van 12 december 2019 betreffende "Gemeentelijk basisonderwijs - verlenging van de huidige scholengemeenschap De Balk instellingsnr. 119438 voor de periode van 1 september 2020 tot 31 augustus 2026 in de vorm van een interlokale vereniging."
Overeenkomst scholengemeenschap vanaf schooljaar 2026-2032.
Verslag beheerscomité 16 oktober 2025.
Verslag OCSG 16 oktober 2025.
Verslag schoolraad 21 oktober 2025.
Artikel 1
De gemeenteraad beslist om huidige overeenkomst inzake de scholengemeenschap De Balk, instellingsnr. 119438, in de vorm van een interlokale vereniging met zes schooljaren te verlengen vanaf 1 september 2026, hetzij tot 31 augustus 2032.
Artikel 2
De overeenkomst in bijlage maakt integraal deel uit van dit besluit.
Artikel 3
De heer Chris Delneste, voorzitter van de gemeenteraad, en mevrouw Els Persyn, algemeen directeur, worden gemachtigd om deze overeenkomst te ondertekenen.
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de concrete uitvoering van deze beslissing.
Artikel 5
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De Nieuwe Gemeentewet bekrachtigd bij de wet van 26 mei 1989, inzonderheid artikel 135, §2, ingevoegd bij de wet van 27 mei 1989 en artikel 119 hernummerd bij de wet van 27 mei 1989 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 30 mei 1989.
De wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten vervangen bij de wet van 4 juli 2005 en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van ambulante activiteiten (BS 29 september 2006).
Besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 houdende de wijziging van diverse bepalingen van het koninklijk besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante activiteiten.
Er wordt een grote volkstoeloop verwacht ten gevolge van de activiteit KBK Cyclo op zaterdag 28 februari 2026 en de wielerwedstrijd Kuurne-Brussel-Kuurne op zondag 1 maart 2026.
De veiligheid van het voetgangersverkeer kan in het gedrang komen door de talrijke aanwezigheid van ambulante handelaars.
Er worden waren verkocht, in recipiënten die door de consumenten overal worden achtergelaten, wat niet bevorderlijk is voor de netheid van straten en openbare pleinen.
Het is aangewezen om het aantal standplaatsen te beperken en deze standplaatsen weloverwogen te plaatsen in functie van de openbare orde en veiligheid.
Artikel 1
Op zaterdag 28 februari 2026 en zondag 1 maart 2026 vanaf 09.00 uur tot 19.00 uur is er verbod op het houden van ambulante activiteiten langs straten en openbare pleinen of plaatsen, inbegrepen de vaste standplaatsen op de openbare weg, en alle plaatsen palende aan de openbare weg toegankelijk voor het publiek en die niet specifiek bestemd zijn om gebruikt te worden voor de verkoop of voor verkoopaanbiedingen, tenzij de betrokkenen in het bezit zijn van een door de burgemeester afgeleverde schriftelijke uitzonderingsvergunning die de plaats aanduidt waar de ambulante activiteit mag worden uitgeoefend, bij welk middel en met welke waren en na voorafgaandelijke toelating van de concessiehoudende vereniging.
Artikel 2
Deze verordening is toepasselijk op het grondgebied van de gemeente Kuurne in volgende straten en op volgende pleinen:
Artikel 3
Met het oog op het toewijzen van de standplaatsen voor ambulante handelsactiviteiten wordt het beheer van het openbaar domein zoals aangeduid in artikel 2 en voor de duur zoals bepaald in artikel 1, in concessie gegeven aan de organiserende vereniging, zijnde de Wielerclub Koninklijke Sportingclub Kuurne vzw, met maatschappelijke zetel te 8520 Kuurne, Marktplein 9. De concessiehoudende vereniging kan de betaling van een standplaatsvergoeding vragen.
Artikel 4
Overtreding van dit reglement wordt bestraft met politiestraffen, onverminderd de toepassing van zwaardere straffen als andere wetten of reglementen daarin voorzien.
Artikel 5
Deze beslissing wordt bekendgemaakt.
Artikel 6
Afschrift van deze beslissing wordt binnen 48 uur in drievoud gestuurd aan de gouverneur van de provincie West-Vlaanderen.
Tevens wordt van dit besluit dadelijk een afschrift gestuurd aan de griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Kortrijk en aan de griffie van de Politierechtbank te Kortrijk.
Artikel 7
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 162 van de grondwet.
De lokale rechtspositieregeling, zoals vastgesteld door de gemeenteraad op 22 december 2008 en latere wijzigingen.
Artikel 28 van de lokale rechtspositieregeling bepaalt dat de gemeenteraad de functiebeschrijving vaststelt voor de functie van algemeen directeur en financieel directeur van de gemeente.
De functiebeschrijving is de weergave van de functie-inhoud en van het functieprofiel, met vermelding van de vereiste competenties (kennis, vaardigheden, persoonlijkheidskenmerken en attitudes) nodig voor de uitoefening van de functie.
Naar aanleiding van de vacature van financieel directeur dringt zich een actualisering van de functiebeschrijving op.
Functiebeschrijving financieel directeur.
Enig artikel
De functiebeschrijving van financieel directeur, zoals in bijlage gevoegd, wordt vastgesteld.
Artikel 162 van de grondwet.
Het Besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en latere wijzigingen.
De formatie van het gemeentepersoneel, vastgesteld bij gemeenteraadsbeslissing van 11 december 2025.
De lokale rechtspositieregeling, vastgesteld bij beslissing van de gemeenteraad van 22 december 2008 en latere wijzigingen.
De betrekking van financieel directeur is vacant.
Op de wervingsreserve van financieel directeur, zoals vastgesteld bij gemeenteraadsbeslissing van 26 juni 2018 naar aanleiding van de integratie gemeente-OCMW, zijn geen kandidaten meer opgenomen. Bijgevolg dringt zich een nieuwe procedure op.
Artikel 1
De voltijdse betrekking van financieel directeur wordt vacant verklaard, te vervullen bij wijze van aanwerving, bevordering en externe personeelsmobiliteit. De betrekking is opgenomen op de lijst van de knelpuntberoepen.
Artikel 2
Er wordt een wervings-/bevorderingsreserve aangelegd die twee jaar geldig is.
Artikel 3
§1. De kandidaten die deelnemen aan de aanwervingsprocedure moeten voldoen aan de voorwaarden zoals bepaald in de artikelen 5, 6, 7 en 29 van de lokale rechtspositieregeling:
1° een gedrag vertonen dat in overeenstemming is met de eisen van de functie,
2° de burgerlijke en politieke rechten genieten,
3° medisch geschikt zijn voor de uit te oefenen functie,
4° de Belgische nationaliteit bezitten,
5° voldoen aan de vereiste over de taalkennis opgelegd door de wetten op het gebruik der talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966,
6° voldoen aan de diplomavereiste, zijnde houder zijn van een diploma dat toegang geeft tot niveau A,
7° slagen voor de selectieprocedure.
§2. De personeelsleden die deelnemen aan de bevorderingsprocedure moeten voldoen aan de voorwaarden zoals bepaald in de artikelen 121 en 123 van de lokale rechtspositieregeling:
voor deelname aan de bevorderingsprocedure komen volgende personeelsleden in aanmerking:
1° de vast aangestelde statutaire personeelsleden, ongeacht hun administratieve toestand,
2° de contractuele personeelsleden die beantwoorden aan de criteria om bij de eigen overheid in aanmerking te komen voor deelname aan de bevorderingsprocedure:
Om voor bevordering in aanmerking te komen moeten de personeelsleden:
Artikel 4
In toepassing van artikel 8 van de lokale rechtspositieregeling bepaalt de raad volgende aanvullende aanwervingsvoorwaarden:
Artikel 5
De selectie bestaat uit:
In toepassing van artikel 31 van de rechtspositieregeling bevat één van de selectietechnieken in elk geval een proef die het financieel-economisch inzicht van de kandidaat toetst.
Artikel 6
Om geslaagd te zijn moet de kandidaat:
Artikel 7
§1. De jury zal minstens bestaan uit:
§2. Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd de leden van de jury nominatief aan te stellen en de praktische schikkingen te treffen.
Artikel 8
De procedure wordt onmiddellijk opgestart.
Het artikel 148 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
De artikelen 53 tot en met 59 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 2018 houdende het statuut van de lokale mandataris.
In zitting van 20 november 2025 stelde de gemeenteraad vast dat de heer Carl Vereecke voldoet aan alle voorwaarden voor het verkrijgen van de eretitel voor het ambt van burgemeester. Er werd een aanvraag ingediend tot het verkrijgen van de eretitel.
Op 22 januari 2026 ontvingen wij het ministerieel besluit houdende de verlening van de eretitel van het ambt van burgemeester van Kuurne aan de heer Carl Vereecke.
Gemeenteraadsbesluit van 20 november 2025 houdende "Verzoek aan de Vlaamse Regering om de eretitel "ereburgemeester" toe te kennen".
Ministerieel besluit houdende de verlening van de eretitel van het ambt van burgemeester van Kuurne aan de heer Carl Vereecke.
Enig artikel
De gemeenteraad neemt akte van het ministerieel besluit houdende de verlening van de eretitel van het ambt van burgemeester van Kuurne aan de heer Carl Vereecke.
Het decreet over het lokaal bestuur (DLB), inzonderheid artikel 162.
De lokale rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel, vastgesteld bij beslissing van de gemeenteraad van 22 december 2008 en latere wijzigingen.
Artikel 156 van de lokale rechtspositieregeling bepaalt dat het vrijwillig ontslag van een personeelslid aanleiding geeft tot de definitieve ambtsneerlegging van het vast aangesteld statutair personeelslid.
De gemeenteraad heeft in zitting van 20 oktober 2016 de heer Jurgen Vanoverberghe aangesteld als financieel beheerder op proef, met ingang van 1 november 2016.
De gemeenteraad heeft in zitting van 19 oktober 2017 de heer Jurgen Vanoverberghe aangesteld als financieel beheerder in statutair verband.
Op 18 juni 2018 werd de heer Jurgen Vanoverberghe, ingevolge artikel 583 van het decreet over het lokaal bestuur, van rechtswege aangesteld als financieel directeur. De gemeenteraad nam in zitting van 12 juli 2018 kennis van deze aanstelling van rechtswege.
De heer Jurgen Vanoverberghe dient met zijn brief van 27 januari 2026 zijn ontslag in.
De gemeenteraadsbeslissing van 20 oktober 2016 waarbij de heer Jurgen Vanoverberghe werd aangesteld als financieel beheerder op proef.
De gemeenteraadsbeslissing van 19 oktober 2017 waarbij de heer Jurgen Vanoverberghe werd aangesteld als financieel beheerder in vast verband.
De gemeenteraadsbeslissing van 12 juli 2018 waarbij de gemeenteraad kennis nam van de aanstelling van rechtswege als financieel directeur met ingang van 18 juni 2018.
De brief van 27 januari 2026 van de heer Jurgen Vanoverberghe waarbij hij zijn ontslag indient.
Artikel 1
Aan de heer Jurgen Vanoverberghe, wonende te 8790 Waregem, Ginstestraat 4, wordt ontslag verleend uit zijn functie van financieel directeur met ingang van 1 mei 2026.
Artikel 2
Afschrift van huidige beslissing zal worden overgemaakt aan de heer Jurgen Vanoverberghe.