De voorzitter opent de zitting op 22/04/2021 om 19:32.
De Nieuwe Gemeentewet, in het bijzonder de artikelen 133, 134 en 135.
Het Ministerieel Besluit van 26 maart 2021, houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken.
Het behoort tot de taak en bevoegdheid van de gemeente tot het nemen van passende maatregelen om epidemieën, zoals de ernstige dreiging die het COVID-19-virus met zich meebrengt, te voorkomen (artikel 135, §2, tweede lid, 5°, N.Gem.W.).
Vandaar besliste de burgemeester in het Besluit van de Burgemeester van 30 maart 2021 om de Gemeente- en OCMW-raad van 22 april 2021 virtueel te laten doorgaan.
Volgens art. 134 §1 van de Nieuwe Gemeentewet moet dit besluit in de gemeenteraad bekrachtigd worden.
Besluit van de burgemeester van 30 maart 2021.
Enig artikel
De gemeenteraad bekrachtigt het besluit van de burgemeester van 30 maart 2021 houdende "Politieverordening betreffende het virtueel karakter van de volgende Gemeente- en OCMW-raad op 22 april 2021 om de verspreiding van het Coronavirus COVID-19 te beperken".
Artikel 1
De notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraad van 25 maart 2021 worden goedgekeurd.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 en latere wijzigingen betreffende de beleids- en beheercyclus van de lokale besturen.
Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de BBC van de lokale besturen.
De jaarrekening 2020 Kuurne werd tijdig aan de raadsleden bezorgd. Aan de raadsleden werd ook de documentatie horende bij de jaarrekening 2020 Kuurne tijdig bezorgd. De documentatie omvat de achtergrondinformatie die nuttig is om de jaarrekening te beoordelen, zonder dat ze essentieel is voor de beoordeling die de raadsleden moeten maken, aangezien de essentiële informatie in het beleidsrapport is opgenomen.
De jaarrekening 2020 Kuurne (in bijlage) dient vastgesteld te worden voor het luik gemeente door de gemeenteraad (opsplitsing in schema J3).
De gemeenteraad dient ook goedkeuring te geven aan het luik OCMW dat door de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 april 2021 werd vastgesteld.
De gemeente dient ervoor te zorgen dat het OCMW haar financiële verplichtingen kan nakomen. In de regelgeving hieromtrent zijn geen definitie, berekeningswijzen of modellen vastgelegd. Het college van burgemeester en schepenen en het vast bureau hebben in zitting van 30 maart 2021 beslist om de tussenkomst van de gemeente in de financiële verplichtingen van het OCMW te vertalen als: de gemeente komt tussen van zodra het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW negatief is, voor het bedrag van het negatief beschikbaar budgettair resultaat. Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in boekjaar 2020 is positief, waardoor er in 2020 geen tussenkomst van de gemeente nodig is in de financiële verplichtingen van het OCMW. Dit staat liquiditeitsstromen niet in de weg, indien zou blijken dat het OCMW onvoldoende liquide middelen op de bank heeft om haar financiële verplichtingen na te komen.
Het positief advies van het managementteam van 25 maart 2021.
Artikel 1
De jaarrekening 2020 Kuurne (beleidsevaluatie, financiële nota en toelichting) wordt vastgesteld door de gemeenteraad voor wat betreft het gemeente-luik.
De jaarrekening 2020 Kuurne (beleidsevaluatie, financiële nota en toelichting) wordt integraal goedgekeurd door de gemeenteraad (inclusief het OCMW-luik dat vastgesteld werd door de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 april 2021).
Artikel 2
De jaarrekening 2020 Kuurne wordt binnen de 10 dagen na de vaststelling gepubliceerd op de website met de publicatiedatum.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten en later gewijzigd door het decreet van 6 juli 2012 tot wijziging van diverse bepalingen van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten.
Artikel 55 van het decreet van 7 mei 2004 dat bepaalt dat de rekeningen onderworpen zijn aan het advies van de gemeenteraad en aan de goedkeuring van de provinciegouverneur.
Artikel 13 van de omzendbrief BB-2013/01 van 1 maart 2013 dat bepaalt dat het centraal kerkbestuur de rekeningen van de kerkfabrieken dient in te dienen bij de gemeente op wiens grondgebied het hoofdgebouw van de eredienst zich bevindt.
De gemeente Kuurne heeft de jaarrekeningen 2020 van de kerkfabrieken Sint-Michiel, Sint-Pieter en Sint-Katharina ontvangen op 24 maart 2021.
De jaarrekening van de kerkfabriek Sint-Michiel werd door de betrokken kerkraad vastgesteld op 16 februari 2021 met volgend overschot:
De jaarrekening van de kerkfabriek Sint-Pieter werd door de betrokken kerkraad vastgesteld op 12 januari 2021 met volgend overschot:
De jaarrekening van de kerkfabriek Sint-Katharina werd door de betrokken kerkraad vastgesteld op 23 februari 2021 met volgend overschot:
Jaarrekening 2020 van de kerkfabriek Sint-Michiel, kerkfabriek Sint-Pieter en kerkfabriek Sint-Katharina.
Artikel 1
De gemeenteraad verleent gunstig advies betreffende de jaarrekening 2020 van:
Artikel 2
Afschrift van onderhavig besluit zal worden overgemaakt aan de provinciegouverneur, het centraal kerkbestuur, de kerkfabrieken van Sint-Michiel, Sint-Pieter en Sint-Katharina, het stadsbestuur van Kortrijk en het gemeentebestuur van Lendelede.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
Het besluit van de Vlaamse regering houdende de subsidiëring van projecten ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid van 16 november 2018.
Er bestaat een samenwerkingsovereenkomst met de Interlokale Vereniging Woonwijs. In het subsidiedossier van de Interlokale Vereniging Wonen ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid zijn per werkingsjaar alle acties en doelstellingen opgenomen. Het jaarverslag en de jaarrekening van werkingsjaar 10 (kalenderjaar 2020) werden opgemaakt. Uit het jaarverslag blijkt dat de doelstellingen voor werkingsjaar 10 grotendeels gerealiseerd zijn, rekening houdend met het uitstel van Aanvullende Actie 1_3 (alternatieve woonvormen in Harelbeke en Kuurne). Deze actie is sowieso slechts 3 jaar subsidiabel en dus ten laatste te hernemen in 2023.
Op 19 december 2019 werden voor de periode ‘januari 2020 – december 2025’ subsidies toegekend door de Vlaamse overheid. Deze subsidies werden toegekend op basis van een subsidiedossier, waarin de acties en doelstellingen voor bovenvermelde periode werden opgenomen. Jaarlijks moet de uitvoering van deze acties via een stuurgroepvergadering worden aangetoond.
Op de stuurgroepvergadering van 25 februari 2021 kwamen de cijfergegevens, acties en doelstellingen van werkjaar 10 uitvoerig aan bod. Daarnaast werden ook de financiën van het voorbije werkjaar besproken. Deze maken integraal deel uit van het stuurgroepverslag. Al deze documenten vormen het jaarverslag van het voorbije werkjaar.
De beslissing van de gemeenteraad van 21 april 2016 tot goedkeuring van het woonplan Kuurne 2016-2020.
De beslissing van de gemeenteraad van 3 mei 2010 tot oprichting, toetreding en goedkeuring van de samenwerkingsovereenkomst van de Interlokale Vereniging Wonen
DHKL.
De beslissing van de gemeenteraad van 26 juni 2019 tot goedkeuring van het subsidiedossier voor de periode 2020 - 2025, later goedgekeurd door
de Vlaamse overheid.
De aangepaste samenwerkingsovereenkomst van de Interlokale Vereniging Woonwijs goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 juni 2019.
De beslissing van de gemeenteraad van 18 april 2013 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 1 (oktober 2011-september 2012).
De beslissing van de gemeenteraad van 20 maart 2014 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 2 (oktober 2012-september 2013).
De beslissing van de gemeenteraad van 18 december 2014 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 3 (oktober 2013-september 2014).
De beslissing van de gemeenteraad van 18 februari 2016 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 4 (oktober 2014-september 2015).
De beslissing van de gemeenteraad van 16 februari 2017 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 5 (oktober 2015-september 2016).
De beslissing van de gemeenteraad van 22 februari 2018 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 6 (oktober 2016-september 2017).
De beslissing van de gemeenteraad van 28 februari 2019 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 7 (oktober 2017-september 2018).
De beslissing van de gemeenteraad van 27 februari 2020 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 8 (oktober 2018-september 2019).
De beslissing van de gemeenteraad van 23 april 2020 houdende goedkeuring van het jaarverslag en jaarrekening van werkingsjaar 9 (oktober 2019-december 2019).
Het subsidiedossier van de Interlokale vereniging Woonwijs ter ondersteuning van het lokaal woonbeleid waarin voor de periode 2020-2025 alle acties en doelstellingen zijn opgenomen.
Wat betreft het financieel verslag voor werkingsjaar 10, bedroeg de totale uitgave 219.149,51 euro waarvan de verwachte subsidie van Wonen Vlaanderen 151.979,31 euro bedraagt. De bijdrage voor gemeente Kuurne voor 2020 wordt voorlopig geraamd op 10.691,48 euro, er werd reeds 15.146 euro als voorschot betaald.
Pas na goedkeuring van de jaar- en financiële verslagen door Wonen Vlaanderen en de raden kunnen de saldo’s effectief verrekend worden. Het verschil met de reeds betaalde voorschotten zal, rekening houdend met de verdeelsleutel volgens het aantal huishoudens, nadien aan de woonwijsgemeenten terugbetaald worden.
Artikel 1
Het jaarverslag en de jaarrekening van werkingsjaar 10 (kalenderjaar 2020) van de Interlokale Vereniging Woonwijs worden goedgekeurd.
Artikel 2
Het jaarverslag en de jaarrekening van werkingsjaar 10 (kalenderjaar 2020) worden ter goedkeuring voorgelegd aan de subsidiërende overheid.
Artikel 3
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Europese Kaderrichtlijn Water van 22 december 2000.
Overstromingsrichtlijn van 23 oktober 2007.
Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM).
Het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (Waterwetboek).
Besluit van de Vlaamse Regering van 13 maart 2006 houdende de vaststelling van de regels voor de scheiding tussen de gemeentelijke en bovengemeentelijke saneringsverplichting en de vaststelling van de zoneringsplannen.
Besluit van de Vlaamse Regering van 18 december 2015 houdende de vaststelling van de stroomgebiedbeheerplannen voor Schelde en Maas (2016-2021), met inbegrip van het maatregelenprogramma bij de stroomgebiedbeheerplannen, de herziene zoneringsplannen en de gebiedsdekkende uitvoeringsplannen.
Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
Besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM II).
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Op termijn zal zowat iedereen zijn hemelwater moeten afkoppelen. Daarom kan men daar best nu al rekening mee houden als men verbouwt, de tuin opnieuw aanlegt,... Men bekijkt best al in een vroeg stadium hoe beide waterstromen (afval- en hemelwater) van elkaar kunnen gescheiden worden. Op die manier kan men later extra werk en kosten uitsparen én bouwt iedereen mee aan een beter leefmilieu.
Je bent nu al verplicht af te koppelen als:
1. Je zware verbouwingen uitvoert. Bepaalde verbouwingen vallen onder de gewestelijke stedenbouwkundige verordening. Als dat het geval is, moet je aan een aantal voorwaarden voldoen die normaal gezien ook in de omgevingsvergunning (vroeger stedenbouwkundige of bouwvergunning) zullen worden opgenomen. Het scheiden van hemel- en afvalwater en het plaatsen van een hemelwaterput zijn daar enkele van.
2. Je een nieuwbouw realiseert. Ook dan is de gewestelijke stedenbouwkundige verordening van toepassing en zullen er verplichtingen worden opgelegd naar afkoppeling en hergebruik van hemelwater.
3. De rioolbeheerder van je gemeente in jouw straat een gescheiden rioolstelsel aanlegt. Afhankelijk van de aard van de bebouwing gelden bepaalde regels:
- Is het gebouw een open of halfopen bebouwing? Dan ben je verplicht om volledig af te koppelen, dat wil zeggen dat al het hemelwater van je dakoppervlakken en verharde oppervlakken niet meer naar de afvalwaterafvoer mag gevoerd worden.
- Is het gebouw een gesloten bebouwing? In dit geval moet je enkel het hemelwater afkoppelen waarvoor je geen leidingen moet aanleggen onder of door je woning.
Deze derde verplichting vindt zijn rechtsgrond in Vlarem II.
Vlarem II bepaalt dat de lozing van huishoudelijk afvalwater in de gewone oppervlaktewateren of in een kunstmatige afvoerweg voor hemelwater verboden is wanneer de openbare weg van openbare riolering is voorzien met uitzondering van lozingen gelegen in het individueel te optimaliseren buitengebied (artikel 6.2.2.1.2.§ 1.).
Een volledige scheiding tussen het afvalwater en het hemelwater, afkomstig van dakvlakken en grondvlakken, is verplicht op het ogenblik dat een gescheiden riolering wordt aangelegd of heraangelegd, tenzij het anders bepaald is in het uitvoeringsplan.
Voor bestaande gebouwen is de scheiding tussen het afvalwater en het hemelwater, afkomstig van dakvlakken en grondvlakken, enkel verplicht indien daarvoor geen leidingen onder of door het gebouw moeten worden aangelegd. Onder bestaande gebouwen worden hier de gebouwen bedoeld die gebouwd zijn voor de inwerkingtreding van de gewestelijke verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozen van afvalwater en hemelwater van 1 oktober 2004, zijnde 1 februari 2005, of de gebouwen die niet gevat worden door deze verordening (artikel 6.2.2.1.2.§ 3.).
In de code van goede praktijk voor het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van rioleringssystemen – het referentiekader van de Vlaamse Milieumaatschappij - (hoofdstuk 1.7) en het vademecum praktisch afkoppelen van hemelwater (Vlario) is een uitgebreide beschrijving van hoe in dat geval met regenwater op het private perceel moet omgegaan worden.
De gemeente wil haar burgers blijven stimuleren om aan hun wettelijke verplichtingen te voldoen in geval zij binnen een werfzone wonen waar een gescheiden riolering wordt aangelegd.
Het is één van de opdrachten van de gemeente om het leefmilieu maximaal te beschermen en hierbij haar inwoners maximaal te stimuleren tot medewerking.
Het is ook aan de gemeente om toezicht te houden op de uitvoering van het rioleringsbeleid.
Het vorige subsidiereglement wordt opgeheven omwille van gewijzigde wetgeving, terminologie en voorwaarden.
Deze voorwaarden werden, in het kader van de gemeentelijke subsidiëringsprogramma’s, vertaald in het begrip ‘optimale afkoppeling’. De term ‘optimale afkoppeling’ betekent dat bij de aanleg of heraanleg van riolering het hemelwater van de particuliere woningen langsheen het tracé van de werken optimaal dient afgekoppeld te worden van de afvalwaterleiding. Dit betekent dat het hemelwater gescheiden van het afvalwater dient afgevoerd te worden tenzij anders bepaald wordt in het uitvoeringsplan. Bij gesloten bebouwing dient het hemelwater gescheiden van het afvalwater afgevoerd te worden behalve indien hiervoor leidingen door of onder het gebouw dienen aangelegd te worden.
Beslissing van de gemeenteraad van 9 november 2009 - Gemeentelijk subsidiereglement voor een volledige scheiding van afval- en hemelwater op privé-domein – goedkeuring.
De middelen voor Centrumvernieuwing zijn voorzien op 2021/CENTRUM/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/CENTRUM en worden geraamd op incl. btw: 73.800,00 euro.
De middelen voor Merelhoek zijn voorzien op 2022/GBB/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/RIOL_MEREL en worden geraamd op incl. btw: 8.000,00 euro.
De middelen voor Hulstsestraat (van Najaarsweg tot aan rondpunt n36d) zijn niet voorzien in het huidig meerjarenplan aangezien alle effectieve uitvoeringskosten ten laste van de VMM en Aquafin zijn. De bijkomende subsidie vanuit gemeente Kuurne wordt geraamd op incl. btw 24.700,00 euro. Deze zullen voorzien worden in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan (AMJP2).
Wetmatigheid OK, Kredieten voor Hulstestraat moeten voorzien worden bij eerstvolgende AMJP. FD verleent voorwaardelijk visum.
Gunstig mits aanpassing visum VSM/2021/027 van Jurgen Vanoverberghe van 02 april 2021
Artikel 1
Het gemeentelijk subsidiereglement voor een volledige scheiding van afval- en hemelwater op privé-domein, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 9 november 2009 wordt opgeheven.
Artikel 2
Goedkeuring wordt verleend aan het subsidiereglement voor een optimale scheiding van afval- en hemelwater op privédomein:
Artikel 1 - Verplichting tot optimale afkoppeling
Dit reglement heeft uitsluitend betrekking op bestaande particuliere gebouwen en aanhorigheden waarvoor de gemeente Kuurne expliciet de verplichting tot optimale afkoppeling oplegt in het kader van volgende situatie: de gemeente legt een gescheiden openbare riolering aan waarbij afkoppeling op privé terrein onafwendbaar is.
Artikel 2 - Definities
Voor de toepassing van het reglement dat de tussenkomst van de gemeente regelt gelden de definities zoals deze beschreven worden in de wetgeving.
Hemelwater: verzamelnaam voor regen, sneeuw en hagel, met inbegrip van dooiwater;
Hemelwaterput: hemelwatertank = hemelwaterreservoir, reservoir voor het opvangen en stockeren van hemelwater
Huishoudelijk afvalwater: afvalwater dat alleen bestaat uit het water dat afkomstig is van:
1° normale huishoudelijke activiteiten;
2° sanitaire installaties;
3° keukens;
4° het reinigen van gebouwen, zoals woningen, kantoren, plaatsen waar groot- of kleinhandel wordt gedreven, zalen voor vertoningen, kazernen, kampeerterreinen, gevangenissen,
onderwijsinrichtingen met of zonder internaat, zwembaden, hotels, restaurants, drankgelegenheden, kapsalons;
5° wassalons, waar de toestellen uitsluitend door het cliënteel zelf worden bediend.
Openbare riolering: het geheel van openbare leidingen en openluchtgreppels (goten) dat bestemd is voor het opvangen en transporteren van afvalwater en/of hemelwater en dat in principe gelegen is op het openbare domein
Gescheiden openbare riolering: een dubbel stelsel van leidingen of openluchtgreppels waarvan het ene stelsel bestemd is voor het opvangen en transporteren van afvalwater en het andere stelsel bestemd is voor
de afvoer van hemelwater;
DWA-leidingen: onderdeel van het gescheiden rioleringsstelsel dat bestemd is voor het ontvangen en transporteren van huishoudelijk afvalwater (Droog-Weer-Afvoer-leiding)
RWA-leidingen: onderdeel van het gescheiden rioleringsstelsel dat bestemd is voor het ontvangen en transporteren van hemelwater (Regen-Weer-Afvoer-leiding)
Gewone oppervlaktewateren: alle oppervlaktewateren met uitzondering van de kunstmatige afvoerwegen voor hemelwater en de openluchtgreppels behorend tot de openbare riolering
Kunstmatige afvoerweg van hemelwater: de greppels, grachten, duikers en leidingen bestemd voor het afvoeren van hemelwater, bodemwater, grondwater, bemalingswater.
Infiltratievoorziening: infiltratiebed, zink- of besterfput, drainagebuizen, bovengrondse infiltratie, wadi of een specifieke technische ingreep voor het doorsijpelen van hemelwater in de bodem op eigen terrein
Verharde oppervlakte: oppervlakte voorzien van ondoorlatend materiaal
Keuring: controle op het uitvoeren van de afkoppelingsplicht
Keurder: de keurder staat in voor de keuring van de privé-riolering van de klant. Als privé-riolering wordt beschouwd de volledige installatie voorbij de huisaansluitputjes voor regenwater en afvalwater. De keurder moet aan de hand van een aantal inspecties kunnen vaststellen of de installatie van de klant voldoet aan de vereisten geldend in het gebied waar de keuring wordt uitgevoerd.
Afkoppeling: Als algemeen principe geldt dat al het hemelwater afkomstig van dakoppervlakken en ander verharde oppervlakken moet afgekoppeld worden van het vuilwater.
Afkoppelingsdeskundige: Een door de gemeente aangeduide deskundige die o.a.:
– technisch advies geeft aan de particulier voor het optimaal afkoppelen van hemelwater;
– een raming/meetstaat geeft van de tussenkomst.
– de opmaak van de overeenkomst tussen de gemeente en de eigenaar/bewoner.
– Opvolging van en controle op de werken die door de gemeente bij de particulier worden uitgevoerd
het gemeentelijk zoneringsplan: het plan dat voor een gemeente een onderscheid maakt tussen de gebieden met collectieve sanering en de gebieden met individuele sanering. In het centrale gebied werd reeds in collectieve sanering voorzien;
het uitvoeringsplan: het plan dat de uitvoering en de timing van de projecten regelt met betrekking tot de gemeentelijke en de bovengemeentelijke saneringsverplichting, evenals de noodzakelijke afstemming van de projecten;
Artikel 3 - Tussenkomst van de gemeente
De gemeente Kuurne zal, binnen de perken van de jaarlijks vastgelegde budget, de kosten van de studie, een tussenkomst voor de uitvoering van de afkoppelingswerken op particulier domein die gelegen zijn op het grondgebied van de gemeente en de noodzakelijke keuring ten laste nemen, voor de werken bedoeld in artikel 1.
Er zal, voorafgaand aan de werken, een overeenkomst met de particulier (= de eigenaar van de woning of de bewoner in akkoord met de eigenaar) afgesloten worden.
Het betreft enkel de werken die strikt noodzakelijk zijn om het vooropgestelde doel te bereiken.
Artikel 4 - Code van goede praktijk
De wijze van afkoppeling moet stroken met de voorschriften zoals die door de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) zijn vastgesteld, met andere woorden conform de “code van de goede praktijk”.
Hiertoe zal de gemeente Kuurne een afkoppelingsdeskundige aanduiden die zal instaan voor besprekingen met de particulier, de opmaak van het afkoppelingsontwerp, de begeleiding van de gemeente bij de aanstelling van een aannemer en de opvolging van de werken op het particuliere domein waarna hij aan de gemeente Kuurne een attest van optimale afkoppeling bezorgt.
De gemeente of haar aangestelde zal volgens noodwendigheid toegelaten worden op het particulier domein tot het einde der werken.
De particulier heeft de mogelijkheid om voor een duurdere oplossing te kiezen dan diegene die de afkoppelingsdeskundige voorstelt omdat hij die aanziet als een verbetering voor zijn privé domein. In dat geval dient hij in te staan voor de meerkost. Deze diverse investeringskosten moeten duidelijk onderscheiden worden in de overeenkomst met de bewoner.
Artikel 5 - Bepaling van de tussenkomst
§1. Ondergrondse afkoppeling
De subsidie voor de optimale afkoppeling van hemelwater van het afvalwater wordt enkel verleend voor werken voor het aanleggen van een afvoer voor het niet-verontreinigde hemelwater in de bodem naar een infiltratievoorziening, regenwaterput, gracht, regenwaterriool, openbare riool, waterloop of oppervlaktewater. De werken voor de aanleg van een infiltratievoorziening, hemelwaterput en herbruikleidingen komen niet in aanmerking voor deze subsidie.
De werken die in aanmerking komen voor een tussenkomst zijn de opbraakwerken noodzakelijk voor het graven van de sleuf, de aansluiting en alle werken en materialen voor het dichten van de sleuf en het herstellen van de verharding. Indien hergebruik van materialen mogelijk is, wordt voor het gebruik van nieuwe, inzonderheid duurdere materialen niet tussengekomen.
Ook de aanleg van nieuwe, niet strikt noodzakelijke verhardingen, bijkomende voorzieningen, beplanting, verfraaiingswerken en tuinmeubilair komen niet in aanmerking.
Het bedrag wordt bepaald bij aanvang van de werken door de afkoppelingsadviseur. De tussenkomst wordt berekend op basis van een meetstaat met vaste prijzen, opgemaakt door de aannemer bij de gunningsprocedure en goedgekeurd door het College van Burgemeester en Schepenen, en de afkoppelingswijze. Het bedrag kan uitzonderlijk gewijzigd worden mits akkoord van de afkoppelingsadviseur voor de aanvang van de afkoppelingswerken.
§2. Bovengrondse afkoppeling van hemelwater
De werken die in aanmerking komen voor een tussenkomst zijn de afbraakwerken van bestaande afvoergoten en het aanbrengen van nieuwe goten. Indien hergebruik van materialen mogelijk is, wordt voor het gebruik van nieuwe, inzonderheid duurdere materialen niet tussengekomen.
Het bedrag wordt bepaald bij aanvang van de werken door de afkoppelingsadviseur. De tussenkomst wordt berekend op basis van een meetstaat met vaste prijzen, opgemaakt door de aannemer bij de gunningsprocedure en goedgekeurd door het College van Burgemeester en Schepenen, en de afkoppelingswijze. Het bedrag kan uitzonderlijk gewijzigd worden mits akkoord van de afkoppelingsadviseur voor de aanvang van de afkoppelingswerken.
§3. Subsidiebedrag
De bewezen onkosten voor de optimale afkoppeling van hemelwater van het afvalwater worden voor 50 % vergoed met een maximum van € 1.000,00 incl. btw.
Meerkosten dienen gedragen te worden door de particulier. Hiervan kan enkel worden afgeweken mits grondige redenen én goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen.
Het gescheiden afvoersysteem, inclusief de infiltratievoorziening indien van toepassing, moet in stand gehouden worden. Zo niet kan van de particulier de tussenkomst van de stad worden teruggevorderd, ongeacht eventuele gerechtelijke vervolging vanwege het niet naleven van de VLAREM wetgeving.
Artikel 6 - Aanvraagprocedure en toekenning
§1. De subsidie wordt enkel verleend op voorwaarde dat de afkoppelingswerken gebeuren:
- in samenspraak met de door de gemeente aangestelde afkoppelingsdeskundige
- overeenkomstig de Vlarem-wetgeving zijn
§2. De subsidie wordt enkel verleend op voorwaarde dat er een volledig dossier wordt ingediend dat bestaat uit:
- situatieschets van leidingen voor de werken,
- situatieschets van leidingen na de werken,
- foto’s (digitaal of afdruk) van voldoende kwaliteit van alle nieuwe leidingen, aankoppelingen en verbindingen vóórdat de sleuf wordt aangevuld (locatie per foto aangeven op plan),
- bewijsstukken, voldoende gedetailleerd om controle van de kosten mogelijk te maken,
- een gunstig verslag van de door de gemeente aangestelde afkoppelingsdeskundige.
§3. Vooraleer over te gaan tot de uitbetaling van de subsidie zal de gemeente zich er van vergewissen dat aan de toekenningsvoorwaarden voldaan is. Blijken deze voorwaarden niet nageleefd, dan zal de subsidie niet uitgekeerd worden. Het is de eigenaar vooralsnog toegestaan om binnen de vastgelegde uitvoeringstermijn de nodige aanpassingen door te voeren om vooralsnog voor de toelage in aanmerking te komen.
§4. De aanvraag tot het bekomen van een subsidie wordt ingediend minstens 10 werkdagen vóór de uitvoering van de werken bij de dienst publieke ruimte van de gemeente Kuurne. De aanvraag gebeurt via het door de gemeente ter beschikking gesteld formulier met vermelding van:
- Naam en adres van de aanvrager (en eigenaar van de woning)
- Adres van het gebouw waarvoor subsidie wordt aangevraagd
- Rekeningnummer waarop de subsidie zal gestort worden
- Aanwezigheid of planning van infiltratievoorzieningen (+ aangesloten en soort (verhard) oppervlakte; type van de infiltratie en dimensionering)
- Verklaring op eer dat het voorgelegde (indien aangeduid: door de afkoppelingsdeskundige opgestelde) ontwerpplan zal worden uitgevoerd
- Akkoord van de (mede-)eigenaar indien andere aanvrager
- Een ondertekende toelating aan de gemeentelijke ambtenaar, of de afkoppelingsdeskundige aangesteld door de gemeente, om controle ter plaatse uit te voeren.
Bij de aanvraag moeten de nodige technische gegevens worden toegevoegd van de uit te voeren werken (plannen, beschrijvende opmeting, foto’s,…). Deze worden aangeleverd door de afkoppelingsdeskundige indien aangesteld.
§5. Na de uitvoering van de werken vervolledigt de aanvrager zijn dossier met volgende documenten:
- Een kopie van de facturen in verband met de door een aannemer uitgevoerde afkoppelingswerken.
- Een kopie van de kastickets van aangekochte materialen indien (een deel van) de werken eigenhandig werden uitgevoerd.
- Een verklaring op eer dat de afkoppelingswerken uitgevoerd werden, conform de afspraak met de afkoppelingsdeskundige.
Artikel 7 - Uitsluiting tussenkomst
Een tussenkomst in de kosten door de gemeente is uitgesloten indien een eigenaar een stedenbouwkundige of omgevingsvergunning verkregen heeft met een gescheiden rioolstelsel, maar in strijd daarmee zijn rioolstelsel toch gemengd uitgevoerd heeft.
Artikel 8 - Eigendom rioolleidingen
De rioolleidingen blijven eigendom van de particulier die zich verbindt om er naderhand geen wijzigingen aan uit te voeren zonder de toelating van de gemeente.
Artikel 9 - Keuring
Sinds 1 juli 2011 is een keuring van de privéwaterafvoer van woningen en gebouwen verplicht.
Deze verplichte keuring is opgenomen in het algemeen waterverkoop reglement. De nieuwe aansluiting en afkoppeling moet bijgevolg gekeurd worden.
Bij de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel op openbaar domein stelt de gemeente een keurder aan. De kosten daarvan worden gedragen door de gemeente.
Artikel 10 - Oplevering
De afkoppelingswerken uitgevoerd op particulier domein door de aannemer al dan niet aangesteld door de gemeente hebben een waarborgtermijn van 1 jaar. Deze waarborgtermijn gaat in op de datum van de voorlopige oplevering van de werken beschreven in artikel 1. De definitieve oplevering heeft plaats bij het verstrijken van de waarborgtermijn, ze gebeurt stilzwijgend.
Artikel 11 - Uitvoering door particulier
De eigenaar kan, indien hij dat wenst, eventueel zelf instaan voor de noodzakelijke afkoppelingswerken.
Wanneer de werken tijdig klaar zijn (vóór de voorlopige oplevering van de wegen- en rioleringswerken), kan de keuring gebeuren gelijktijdig met keuringen van andere woningen in de straat.
De gemeente zal de kosten van de keuring dan ten laste nemen.
Wanneer de werken pas klaar zijn na de voorlopige oplevering van het wegen- en rioleringsproject, dan dient de particulier zelf in te staan voor de keuring. Indien de afkoppeling niet correct werd uitgevoerd en bijgevolg geen positief keuringsattest wordt afgeleverd, moeten de nodige aanpassingen uitgevoerd worden en dient een herkeuring te gebeuren binnen de 2 maanden na de eerste keuring. De kosten daarvan worden gedragen door de eigenaar.
Uiterlijk 6 maanden na de voorlopige oplevering van de wegen- en rioleringswerken in de straat dient een positief keuringsattest aan de gemeente te worden overgemaakt. Zo niet gaat de gemeente er van uit dat de werken niet correct werden uitgevoerd en kan van de particulier de tussenkomst van de gemeente worden teruggevorderd, ongeacht eventuele gerechtelijke vervolging vanwege het niet naleven van de VLAREM wetgeving.
Artikel 3
De middelen voor Hulstsestraat (van Najaarsweg tot aan rondpunt N36d) zijn niet voorzien in het huidig meerjarenplan aangezien alle effectieve uitvoeringskosten ten laste van de VMM en Aquafin zijn. De bijkomende subsidie vanuit gemeente Kuurne wordt geraamd op incl. btw 24.700,00 euro. Deze zullen voorzien worden in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan (AMJP2).
Artikel 4
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van onderhavige beslissing.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking vanaf heden en vervangt het gemeentelijk subsidiereglement voor een volledige scheiding van afval- en hemelwater op privé-domein, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 9 november 2009.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
In uitvoering van de overeenkomst De Watergroep - Kuurne voor de uitbouw en het beheer van het gemeentelijk rioleringsnet stellen de gemeente Kuurne en Riopact elk jaar het takenpakket samen.
Sommige taken (zoals bv. beheer van pompstations) komen jaarlijks terug, andere taken zijn éénmalig en lopen over één of meerdere jaren (zoals bv. projectmanagement, afkoppelingsdeskundige, werftoezicht, projectgerelateerde kosten + investeringen voor een bepaald rioleringsdossier).
Het Riopact-takenpakket 2021 omvat volgende jaarlijks terugkerende taken:
In het Riopact-takenpakket 2021 (en eerder) zijn volgende éénmalige taken opgenomen:
Het uitgeschreven takenpakket 2021 is in bijlage opgenomen.
Een financieel plan voor het takenpakket 2021 is in bijlage opgenomen samen met het uitgeschreven takkenpakket.
Het financieel plan bevat voor alle hiervoor vermelde taken een raming van de uurlonen en de kosten voor materialen, dienstverleners e.d. De reële afrekening van de geleverde prestaties zal dan maandelijks als volgt aan de gemeente gefactureerd worden:
Voor prestaties, geleverd buiten de werkuren, gelden de wettelijk geldende bepalingen ter zake. De vermelde ramingen zijn exclusief BTW.
In het financieel plan is er een uitsplitsing van de budgettering in investerings- of exploitatiekrediet. Daarnaast is er budget voorzien voor de afkoppelingsadviezen gerelateerd aan de centrumvernieuwing. In totaal worden de kosten op het investeringsbudget geraamd op 39.833,00 € btw verlegd, op het exploitatiebudget worden de kosten geraamd op 45.350,00 € btw verlegd. De afkoppelingsadviezen gerelateerd aan de centrumvernieuwing worden geraamd op 31.124,00 € btw verlegd.
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2021, op budgetcode 2021/GBB/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/RIOLERING, in het exploitatiebudget van 2021, op budgetcode 2021/GBB/0310-00/6150002/GEMEENTE/PUBRU/IP-GEEN en in het investeringsbudget van 2021 voor centrumvernieuwing op budgetcode 2021/CENTRUM/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/CENTRUM.
Wetmatigheid en krediet OK. FD verleent positief visum.
Gunstig visum VSM/2021/026 van Jurgen Vanoverberghe van 02 april 2021
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan het Riopact-takenpakket 2021 met de uitgewerkte taken en het financieel plan hier in bijlage opgenomen. De bijlagen maken integraal deel uit van deze beslissing.
Artikel 2
De uitgave van deze opdracht wordt geraamd op 116.307,00 euro btw verlegd, nl.
Artikel 3
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2021, op budgetcode 2021/GBB/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/RIOLERING, in het exploitatiebudget van 2021, op budgetcode 2021/GBB/0310-00/6150002/GEMEENTE/PUBRU/IP-GEEN en in het investeringsbudget van 2021 voor centrumvernieuwing op budgetcode 2021/CENTRUM/0310-00/2270007/GEMEENTE/PUBRU/CENTRUM.
Artikel 4
Een afschrift van de beslissing zal in tweevoud worden overgemaakt aan De Watergroep en aan Aquafin.
Artikel 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Parochiale Werken Dekenij Kortrijk vzw wenst een 40-tal gebruikte stoelen uit het Emmaüshuis te schenken aan gemeentebestuur Kuurne, met de bedoeling deze te laten gebruiken voor de jeugdwerking.
Volgens artikel 41 van het decreet over het lokaal bestuur komt het de gemeenteraad toe om deze schenking te aanvaarden.
Brief van Parochiale Werken Dekenij Kortrijk vzw van 15 februari 2021.
Advies Vrijetijdsdienst:
Welzijnsschakel 't Brugske vraagt reeds lang om stoelen te voorzien in Jeugdheem Sint-Pieter om o.a. hun werking te faciliteren. Gelet op de specifieke bestemming (jeugdwerking) van het gebouw houdt investeren in nieuw meubilair een te groot risico in. Meubels raken immers zeer gemakkelijk beschadigd, wat een te hoge investeringskost zou betekenen. Het is daar interessanter om minstens met tweedehands materiaal te werken.
Het aanbod van Parochiale Werken Dekenij Kortrijk vzw betreft nog degelijke stoelen die in het jeugdcentrum een geschikt tweede leven kunnen hebben. De vrijetijdsdienst adviseert daarom de schenking te aanvaarden.
Artikel 1
De gemeenteraad aanvaardt de schenking van een 40-tal tweedehands stoelen door Parochiale Werken Dekenij Kortrijk vzw.
Artikel 2
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Besluit van de Vlaamse Regering van 19 maart 2021 tot toekenning van een subsidie aan de lokale besturen om de contact- en bronopsporing ter bestrijding van de COVID-19-pandemie te versterken.
In de fase van de COVID-19-crisis waarin we ons momenteel bevinden, is een cruciale rol weggelegd voor contactonderzoek en bronopsporing.
Op 19 maart 2021 heeft de Vlaamse Regering de contouren voor preventie, sensibilisering, bronopsporing, quarantaine-coaching en lokaal contactonderzoek door lokale besturen na 31 maart 2021 uitgewerkt, met een bijhorende subsidie.
Wat de aard van de engagementen betreft, kunnen lokale besturen in het kader van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 maart 2021 kiezen tussen de volgende opties:
De lokale besturen werken in al deze opdrachten ondersteunend en/of aanvullend op de werking van de COVID-19-teams binnen de zorgraden alsook op de werking van de centrale contactcenters.
De gemeenten die inzetten op optie 1 (preventie, sensibilisering, bronopsporing, analyse van clusters, quarantaine-coaching en aandacht voor kwetsbare personen of groepen) krijgen een forfaitaire subsidie van 0,125 euro per inwoner per maand voor de periode van 1 april 2021 tot en met 30 juni 2021.
De gemeenten die inzetten op optie 2 (voorgaande engagementen optie 1 + aanvullend lokaal contactonderzoek) krijgen voorgaande forfaitaire subsidie en daarnaast nog een variabele subsidie van 40 euro per afgehandeld ticket/werkorder van een nieuwe indexpatiënt en 20 euro per afgehandeld ticket/werkorder van hoog risicopatiënten voor de periode van 1 april 2021 tot 31 mei 2021.
Via W13 zet de gemeente reeds sedert 1 november 2020 in op de engagementen zoals deze bedoeld zijn in optie 2. Samen met de andere lokale besturen die zich verenigd hebben in W13, wil de gemeente dit engagement verlengen
Het optreden van W13 gebeurt binnen al deze engagementen met inachtneming van de bescherming van de privacy van de burgers, zoals onder meer gewaarborgd door de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).
Het decreet van 29 mei 2020 tot organisatie van de meldingsplicht en het contactonderzoek in het kader van COVID-19 en het uitvoeringsbesluit van 12 juni 2020, voorzien dat de taken zoals opgelegd in artikel 44 van het preventiedecreet, meer bepaald het tegengaan van de verspreiding van infecties, uitgevoerd zal worden door een samenwerkingsverband dat een contactcentrum opricht dat belast wordt met opdrachten van opsporing en begeleiding van personen met een bevestigde of vermoedelijke diagnose van COVID-19, of van personen die mogelijk een risicodragend contact hebben gehad met een persoon die besmet is met COVID-19 of die vermoedelijk besmet is met COVID-19. Met voornoemde doelstelling kan W13 dan ook in naam en voor rekening van de gemeente als verwerker voor het Agentschap Zorg en Gezondheid optreden en kunnen ze rechtstreeks toegang hebben tot de databank Sciensano – gegevensdatabank.
W13 zorgt samen met de gemeenten die zich hierin hebben verenigd, voor de nodige capaciteit en middelen om dit engagement kwaliteitsvol op te nemen. Voor de inzet van medewerkers in functie van het lokale contactonderzoek wordt voorzien in de nodige technische opleiding en aansturing (door Smals vzw en het consortium Opsporing).
De afspraken i.v.m. de aard en de uitvoering van de complementaire engagementen (incl. contactonderzoek) werden formeel vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst tussen het Agentschap Zorg en Gezondheid en W13, deze worden nu verlengd via het addendum in bijlage.
Deze complementaire engagementen doen geen afbreuk aan de engagementen die door W13 in de bestrijding van de coronapandemie reeds opgenomen worden. Integendeel, ze zijn bedoeld om deze werking nog te versterken.
Door huidig besluit kunnen de complementaire engagementen in naam en voor rekening van de gemeente worden opgenomen door W13.
De uitvoering ervan zal dus gebeuren door W13.
De bewoording van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2020 laat echter niet toe dat de subsidies worden aangevraagd vanuit de regiowerking. De gemeenten moeten deze subsidies zelf aanvragen.
Tussen de gemeenten die zich verenigd hebben in W13 wordt dan ook volgende overeenkomst gemaakt: De gemeenten die zich verenigd hebben in W13 gaan ermee akkoord dat omwille van de bepalingen in het besluit, de forfaitaire alsook variabele subsidie van de gemeente wordt opgevraagd door de stad Kortrijk en vervolgens wordt doorgestort aan W13.
De gemeenteraad is bevoegd om onderhavig besluit te nemen.
Motivatie:
Artikel 191 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie verankert het voorzorgsbeginsel in het kader van het beheer van internationale gezondheidscrisissen en van de actieve voorbereiding van zulke potentiële crisissen. Dit beginsel houdt in dat, wanneer een ernstig risico hoogstwaarschijnlijk werkelijkheid zal worden, het aan de overheid is om dringende en voorlopige maatregelen te nemen;
Gelet op de oproep van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, verankerd in het besluit van de Vlaamse Regering van 13 november 2020 tot toekenning van een subsidie aan de lokale besturen om de contact- en bronopsporing ter bestrijding van de COVID-19-pandemie te versterken, aan alle Vlaamse gemeenten om aanvullend en ondersteunend aan de reeds bestaande initiatieven bijkomende engagementen op te nemen in deze strijd;
Gelet op de stijgende besmettingsgraad in Vlaanderen;
De complementaire engagementen worden opgenomen in het kader van de bestrijding van de COVID-19-pandemie, meer in het bijzonder in het kader van het verder beheersen van de tweede golf en het proberen vermijden van een derde golf.
Eén en ander vergt dat de gemeente haar engagementen kan verderzetten en via W13 een doorstart kan maken en het addendum kan ondertekenen.
De nodige stukken hiertoe werden sedert 26 maart 2021 door de Vlaamse overheid ter beschikking gesteld, zodat vanuit de gemeenten niet vroeger kon worden geagendeerd/gereageerd.
Het besluit van de gemeenteraad zal uiterlijk 30 april 2021 worden overgemaakt via het digitaal loket van ABB aan de Vlaamse overheid.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 maart 2021 tot toekenning van een subsidie aan de lokale besturen om de contact- en bronopsporing ter bestrijding van de COVID-19-pandemie te versterken.
Artikel 2
De gemeenteraad neemt kennis van het voorgelegde addendum en keurt dit goed.
Artikel 3
De gemeenteraad geeft hiertoe mandaat aan W13 om in haar naam en voor haar rekening het addendum te ondertekenen engagementen verder op te nemen.
Artikel 4
De gemeente Kortrijk wordt gemandateerd om zowel de variabele als de forfaitaire subsidie in naam van de gemeente aan te vragen bij het agentschap Binnenlands Bestuur, en door te storten aan het samenwerkingsverband W13.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
Statuten van de cvba Zefier inzonderheid de artikelen 26, 27 en 28.
Wet van 21 december 1994 houdende sociale en diverse bepalingen, artikel 180.
De gemeente neemt deel aan de cvba Zefier.
De gemeente werd opgeroepen om deel te nemen aan de zitting van de gewone algemene vergadering van de cvba Zefier op donderdag 10 juni 2021.
De e-mail van de cvba Zefier van 16 maart 2021 met uitnodiging tot de gewone algemene vergadering, via videoconferentie, op donderdag 10 juni 2021, vermeldt volgende agenda:
- Verslag van de raad van bestuur over het boekjaar 2020;
- Verslag van de commissaris-revisor over de jaarrekening 2020;
- Goedkeuring van de jaarrekening 2020 (balans, resultatenrekening, winstverdeling en toelichting);
- Kwijting aan de bestuurders en de commissaris-revisor;
- Statutaire benoemingen.
E-mail van de cvba Zefier van 16 maart 2021, met bijlagen.
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan volgende agendapunten van de gewone algemene vergadering, via videoconferentie, van de cvba Zefier op donderdag 10 juni 2021:
- Verslag van de raad van bestuur over het boekjaar 2020;
- Verslag van de commissaris-revisor over de jaarrekening 2020;
- Goedkeuring van de jaarrekening 2020 (balans, resultatenrekening, winstverdeling en toelichting);
- Kwijting aan de bestuurders en de commissaris-revisor;
- Statutaire benoemingen.
Artikel 2
De gemeenteraad zal de aangeduide vertegenwoordiger de heer Willem Vanwynsberghe en/of zijn plaatsvervanger de heer Bert Deroo opdragen zijn stemgedrag af te stemmen op de beslissing genomen in onderhavig raadsbesluit en als dusdanig de op de agenda geplaatste punten van de gewone algemene vergadering, via videoconferentie, van de cvba Zefier op donderdag 10 juni 2021, waarvoor een beslissing moet worden genomen, goed te keuren.
Artikel 3
Een afschrift van deze beraadslaging zal worden overgemaakt aan de cvba Zefier, uitsluitend via mail aan info@zefier.be.
Artikel 4
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De gemeente neemt deel aan IMOG.
De gemeente werd opgeroepen per aangetekende brief van 17 maart 2021 om deel te nemen aan de zitting van de Algemene Vergadering der aandeelhouders van IMOG op dinsdag 18 mei 2021.
De aangetekende brief van IMOG van 17 maart 2021 met uitnodiging tot de Algemene Vergadering der aandeelhouders op dinsdag 18 mei 2021, vermeldt volgende agenda:
1. Verslag van de Raad van Bestuur;
2. Lezing van de jaarrekening per 31.12.2020;
3. Verslag van de Commissaris;
4. Goedkeuren van de jaarrekening, afgesloten per 31.12.2020;
5. Kwijting aan de Bestuurders, Commissaris;
6. Goedkeuren van de toewijzing van het resultaat;
7. Goedkeuren Statutenwijziging;
8. Statutaire benoemingen;
9. Toelichting activiteiten 2020;
10. Huldiging medewerkers met 25, 30, 35 en 40 jaar dienst;
11. Varia.
Aan de algemene vergadering wordt voorgesteld:
Aangetekende brief van IMOG van 17 maart 2021 met bijlagen.
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan volgende agendapunten van de Algemene Vergadering der aandeelhouders van IMOG op dinsdag 18 mei 2021:
1. Verslag van de Raad van Bestuur;
2. Lezing van de jaarrekening per 31.12.2020;
3. Verslag van de Commissaris;
4. Goedkeuren van de jaarrekening, afgesloten per 31.12.2020;
5. Kwijting aan de Bestuurders, Commissaris;
6. Goedkeuren van de toewijzing van het resultaat;
7. Goedkeuren Statutenwijziging;
8. Statutaire benoemingen;
9. Toelichting activiteiten 2020;
10. Huldiging medewerkers met 25, 30, 35 en 40 jaar dienst;
11. Varia.
Artikel 2
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan het voorstel van statutenwijziging.
Artikel 3
De gemeenteraad zal de aangeduide vertegenwoordiger mevr. Annelies Vandenbussche en/of zijn plaatsvervanger mevr. Els Verhagen opdragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissing genomen in onderhavig raadsbesluit en als dusdanig de op de agenda geplaatste punten van de Algemene Vergadering der aandeelhouders van IMOG op dinsdag 18 mei 2021, waarvoor een beslissing moet worden genomen, goed te keuren.
Artikel 4
Een afschrift van deze beraadslaging zal worden overgemaakt aan IMOG, Kortrijksesteenweg 264 te 8530 Harelbeke.
Artikel 5
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 162 van de grondwet.
Artikel 40 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikels 326 tot en met 341 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 betreffende het bestuurlijk toezicht.
De gemeente neemt deel aan de Intercommunale Leiedal.
De gemeente werd opgeroepen per aangetekende brief van 9 april 2021 om deel te nemen aan de zitting van de Algemene Vergadering van de Intercommunale Leiedal op dinsdag 25 mei 2021.
De aangetekende brief van de Intercommunale Leiedal van 9 april 2021 met uitnodiging tot de Algemene Vergadering op 25 mei 2021, vermeldt volgende agenda:
1. Bevestiging vertegenwoordiging in de Algemene Vergadering
2. Goedkeuring van de agenda en houding van de vertegenwoordiger
Aangetekende brief van de Intercommunale Leiedal van 9 april 2021.
Artikel 1
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan volgende agendapunten van de Algemene Vergadering van de Intercommunale Leiedal op dinsdag 25 mei 2021:
1. Bevestiging vertegenwoordiging in de Algemene Vergadering
2. Goedkeuring van de agenda en houding van de vertegenwoordiger
Artikel 2
De gemeenteraad zal de aangeduide vertegenwoordiger de heer Johan Bossuyt en/of zijn plaatsvervanger de heer Bram Deloof opdragen zijn stemgedrag af te stemmen op de beslissing genomen in onderhavig raadsbesluit en als dusdanig de op de agenda geplaatste punten van de Algemene Vergadering van de Intercommunale Leiedal op 25 mei 2021, waarvoor een beslissing moet worden genomen, goed te keuren.
Artikel 3
Een afschrift van deze beraadslaging zal worden overgemaakt aan de Intercommunale Leiedal, President Kennedypark 10, 8500 Kortrijk.
Artikel 4
Deze beslissing is onderworpen aan het bestuurlijk toezicht.
Artikel 56 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten.
Besluit van de Vlaamse Regering van 13 oktober 2006 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de besturen van de erkende erediensten en van de centrale besturen van de erkende erediensten.
Ministerieel besluit van 27 november 2006 tot vaststelling van de modellen van de boekhouding van de besturen van de eredienst en ter uitvoering van artikel 46 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 oktober 2006 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de besturen van de eredienst en van de centrale besturen van de eredienst.
Als de functie van penningmeester eindigt, wordt een eindrekening opgesteld binnen een termijn van twee maanden door de penningmeester. Nadat de kerkraad heeft kennisgenomen van de eindrekening, wordt de eindrekening door de penningmeester ter goedkeuring aan de provinciegouverneur gezonden.
Binnen tweehonderd dagen na de ontvangst van de eindrekeningen spreekt de provinciegouverneur zich uit over de goedkeuring van de rekening en stelt hij de bedragen ervan vast.
Op 2 november 2020 heeft de kerkraad van de kerkfabriek Sint-Godelieve (Heule) te Kortrijk de eindrekening op 31 oktober 2020 van gewezen penningmeester, de heer Hugo Desmet, vastgesteld met een exploitatieoverschot van 11.023,66 euro en met een investeringsoverschot van 0,00 euro. Een kopie van de eindrekening werd ontvangen door de provinciegouverneur op 6 november 2020.
Brief van 2 maart 2021 van het Agentschap Binnenlands Bestuur - goedkeuring eindrekening op 31 oktober 2020 van gewezen penningmeester, de heer Hugo Desmet van het kerkbestuur Sint-Godelieve - gemeente Kortrijk.
Enig artikel
De gemeenteraad neemt akte van de goedkeuring van de eindrekening op 31 oktober 2020 van gewezen penningmeester, de heer Hugo Desmet ,van het kerkbestuur Sint-Godelieve - gemeente Kortrijk.
De voorzitter sluit de zitting op 22/04/2021 om 22:11.
Namens Gemeenteraad,
Els Persyn
Algemeen Directeur
Chris Delneste
Voorzitter van de Raad