Terug
Gepubliceerd op 28/02/2023

Besluit  Vast Bureau

di 21/02/2023 - 17:00

Personeel - wijzigen rechtspositieregeling

Aanwezig: Willem Vanwynsberghe, Schepen-Voorzitter van het Vast Bureau
Bram Deloof, Annelies Vandenbussche, Jan Deprez, Leden Vast Bureau
Els Verhagen, Voorzitter van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst
Els Persyn, Algemeen Directeur
Verontschuldigd: Francis Benoit, Voorzitter van het Vast Bureau
Bevoegdheid en juridische grond

Artikel 41, tweede lid, 2° en artikel 57 tweede lid van het Decreet Lokaal Bestuur (rechtspositieregeling).

Feiten, context en argumentatie

Bij beslissing van de OCMW-raad van 25 april 2019 werd de bevoegdheid voor het vaststellen en wijzigen van de rechtspositieregeling gedelegeerd naar het vast bureau.

 

In artikel 190 §4 van de rechtspositieregeling van toepassing op het personeel artikel 186 §2, 1° en 2° bepaalt:

Als het personeelslid een reizende functie uitoefent, kan de vergoeding voor het gebruik van zijn privévoertuig bestaand uit een forfaitaire vergoeding. De raad bepaalt het bedrag van de vergoeding en de voorwaarden waaraan het personeelslid moet voldoen voor de toekenning ervan.

 

Vermits het vast bureau en niet de OCMW-raad bevoegd is voor de vaststelling en de wijziging van de rechtspositieregeling, is het aangewezen dat ook het vast bureau bevoegd is om het bedrag en de voorwaarden te bepalen voor de toekenning van de vergoeding voor het gebruik van het privévoertuig voor reizende functies. Daartoe moet het woord 'raad' in artikel 190 §4 gewijzigd worden in 'het uitvoerend orgaan van het bestuur, of als hij daartoe gemachtigd is in het kader van het dagelijks personeelsbeheer, het hoofd van het personeel bepaalt'. Dit is dezelfde zinsnede als in andere bepalingen van de rechtspositieregeling.

Besluit

Enig artikel

Artikel 190 §4 wordt gewijzigd:

Als het personeelslid een reizende functie uitoefent, kan de vergoeding voor het gebruik van zijn privévoertuig bestaan uit een forfaitaire vergoeding. De raad Het uitvoerend orgaan van het bestuur, of als hij daartoe gemachtigd is in het kader van het dagelijks personeelsbeheer, het hoofd van het personeel bepaalt het bedrag van de vergoeding en de voorwaarden waaraan het personeelslid moet voldoen voor de toekenning ervan.