Terug
Gepubliceerd op 23/12/2022

Besluit  Gemeenteraad

do 15/12/2022 - 19:50

Opheffen bestaand belastingreglement en vaststellen nieuw belastingreglement - belasting op masten en pylonen

Aanwezig: Chris Delneste, Voorzitter van de Raad
Francis Benoit, Burgemeester
Willem Vanwynsberghe, Bram Deloof, Annelies Vandenbussche, Jan Deprez, Schepenen
Els Verhagen, Voorzitter van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst
Rik Bouckaert, Francis Watteeuw, Johan Bossuyt, Jean-Paul Algoet, Hilde Vanhauwaert, Bert Deroo, Ann Dendauw Van Ooteghem, Jeroen Dujardin, Marc Plets, Robbe Bleuzé, Carla Meyhui, Isabelle Vereecke, Bernard Marchau, Eveline Van Haverbeke, Severijn Werbrouck, Tom Leece, raadsleden
Els Persyn, Algemeen Directeur
Bevoegdheid en juridische grond

Artikels 41, 162 en 170 §4 van de grondwet.

Het Wetboek van de inkomstenbelastingen.

Artikel 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.

Artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.

Het decreet van 30 mei 2008, betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.

De omzendbrief KB/ABB 2019/02.

Feiten, context en argumentatie

Masten en pylonen verstoren het open karakter van het landschap en verstoren het esthetisch uitzicht. De aanwezigheid van masten en pylonen op het grondgebied van de gemeente Kuurne heeft een substantiële invloed op de aantrekkingskracht van de gemeente als woonomgeving en recreatieve bestemming.

 

Naast de visuele hinder is er de perceptie van het bestaan van een gezondheidsrisico in de omgeving van deze masten en pylonen. Het invoeren van een belasting op masten en pylonen is dan ook gerechtvaardigd.

 

Rekening houdend met de aanbevelingen uit de omzendbrief KB/ABB 2019/02 van 15 februari 2019 wordt een vrijstelling voorzien voor constructies voor het produceren van windenergie of andere vormen van groene stroom.

 

De financiële toestand van de gemeente vraagt de invoering van alle rendabele belastingen.

 

Door recente rechtspraak, namelijk de beslissing van de Raad van State van 13 april 2021, nummer 250.321, is het aangewezen om de uiterste aangiftedatum op te nemen in het belastingreglement.

Voor de belasting op masten en pylonen wordt de uiterste aangiftedatum vastgesteld op 31 januari van het betreffende aanslagjaar.

Het belastingreglement, goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 april 2020, dient te worden opgeheven. De gemeenteraad dient het nieuwe reglement vast te stellen.

Verwijzingen

De beslissing van de gemeenteraad van 23 april 2020 betreffende de vaststelling van het belastingreglement - belasting op masten en pylonen.

Publieke stemming
Aanwezig: Chris Delneste, Francis Benoit, Willem Vanwynsberghe, Bram Deloof, Annelies Vandenbussche, Jan Deprez, Els Verhagen, Rik Bouckaert, Francis Watteeuw, Johan Bossuyt, Jean-Paul Algoet, Hilde Vanhauwaert, Bert Deroo, Ann Dendauw Van Ooteghem, Jeroen Dujardin, Marc Plets, Robbe Bleuzé, Carla Meyhui, Isabelle Vereecke, Bernard Marchau, Eveline Van Haverbeke, Severijn Werbrouck, Tom Leece, Els Persyn
Voorstanders: Chris Delneste, Francis Benoit, Willem Vanwynsberghe, Bram Deloof, Annelies Vandenbussche, Jan Deprez, Els Verhagen, Rik Bouckaert, Francis Watteeuw, Johan Bossuyt, Jean-Paul Algoet, Hilde Vanhauwaert, Bert Deroo, Ann Dendauw Van Ooteghem, Jeroen Dujardin, Marc Plets, Robbe Bleuzé, Carla Meyhui, Isabelle Vereecke, Bernard Marchau, Eveline Van Haverbeke, Severijn Werbrouck, Tom Leece
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Artikel 1

Het belastingreglement - belasting op masten en pylonen, vastgesteld door de gemeenteraad van 23 april 2020, wordt opgeheven.

 

Artikel 2

Voor een termijn van drie jaar, vanaf 1 januari 2023 en eindigend op 31 december 2025 (aanslagjaren 2023 tot en met 2025), wordt een jaarlijkse belasting geheven op allerhande masten en pylonen geplaatst in openlucht en zichtbaar vanaf de openbare weg.

 

Artikel 3

Voor de toepassing van het reglement dient onder het begrip mast te worden verstaan een vaststaande verticale structuur die geplaatst wordt op een dak of op een andere bestaande constructie met een minimale hoogte van meer dan 24 meter.

Voor de toepassing van het reglement dient onder het begrip pyloon te worden verstaan een individuele en vaststaande constructie of steuntoren die opgericht wordt op het niveau van het maaiveld en die een minimale hoogte heeft van meer dan 24 meter.

 

Artikel 4

De belasting wordt vastgesteld op 2.500,00 euro per mast of pyloon. De belasting is ondeelbaar. Er wordt geen vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan als de mast of pyloon in de loop van het jaar wordt weggenomen.

 

Artikel 5

De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de mast of de pyloon op 1 januari van het belastingjaar.

 

Artikel 6

Constructies voor de productie van windenergie of andere vormen van groene stroom worden vrijgesteld van de belasting op masten en pylonen.

 

Artikel 7

De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem behoorlijk ingevuld en ondertekend, voor 31 januari van het betreffende aanslagjaar moet worden teruggestuurd. De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen kan het aangifteformulier terugvinden op de gemeentelijke website www.kuurne.be.

 

Artikel 8

Bij gebreke van een aangifte binnen de vastgestelde termijn of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting. De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig dagen volgend op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen. De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.

Op de ambtshalve vastgestelde belasting zal een verhoging worden toegepast van:

-   25% bij een eerste overtreding

-   50% bij een tweede overtreding

-   100% vanaf een derde overtreding


Artikel 9

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.

 

Artikel 10

De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. Indien de belastingschuldige wenst gehoord te worden dient dit uitdrukkelijk te worden vermeld in het bezwaarschrift. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden, te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.

Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen de vijftien kalenderdagen na de indiening ervan.

 

Artikel 11

Deze beslissing wordt aan de toezichthoudende overheid toegezonden.